Geschiedenis der stad Aalst

  • 1873

Source: https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=ghier&coll=boeken1&identifier=a3JfAAAAcAAJ

https://books.googleusercontent.com/books/content?req=AKW5QadItADXUVm9wKYx-jvwiUYZwAl68CWiM5Da-_zn31y3KlYP98v48Gl1Um1UDiCgt_SjX_qoGYFlisafSsUp9Wm2twBwUPSEIPObpqSTlItfqWC9qC8Xbn-4rTfTEr3NyLNkCH_52c3RHQQCpDOAw_Hmt2v5G_Xi1HoSLbJUci3LhVy9Mu4QMfExU9RtL6dDep-ZR5cFITuFACndUE3zCZTxU6swxcYd1WekIZ9KbNBTxMPglQWxwr45BmyUxIVFHeNYnGjM82CUwgIr7Ix3aKeMy7ZJIw

 

Codex diplomaticus Neerlandicus

  • 1853

Source: https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=ghier&coll=boeken1&identifier=lvR7kofQpwcC

Oudste kameraars-rekening der stad Utrecht (1380)

  • 1853

Source: https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=ghier&coll=boeken1&identifier=GHpoAAAAcAAJ

De rekeningen der grafelijkheid van Holland onder het Henegouwsche Huis

  • 1875
  • rondtrekkende koopman, markskramer

Source: https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=ghier&coll=boeken1&identifier=3XOXJZdpoZYC

 

 

Wil men echter alleen op historische getuigenissen afgaan, dan waren
de Friezen, de Bataven, de Kaninefaten, de Tubanten, de Brukteren,
de Menapiërs en de Nerviërs de voornaamste volkstammen, die Neder-
land en ten deele België het eerst hebben bewoond.
Al die stammen, zoo even genoemd. behoorden tot de bolkerengroep
der Germanen.
Waarschijnlijk waren de Friezen, ongetwijfeld hethoofdvolk, ook de
oudste bewoners.

Saliërs, Saksen, Franken

Tusschen de Maas en den Rijn lag het graafschap, sedert de 11 de eeuw

Hertogdomm Limburg, Maastricht was voor een gedeelte een bezitting van
den Bisschop van Luik, voor een ander deel een ander zickzelve staande rijks-
stad of rijksleen.

Reinoud I, graaf van Gelder en Jan I, Hertog van Brabant, dat door den slag van Woerdingen werd beslist. (1286)
Floris (Zuid Holland)

Jan van Heusden en Jan van Kuik, Eduard I, Koning van Engeland.
Deze verplaatste bij een verdrag, in 1.295 met Quy van Dampierre, graaf van Vlaanderen, gesloten,
den stapel der Engelsche wol van Dordrecht (brugge en Mechelen) (1.293) oorlog tusschen Engeland en Frankrijk
losbarstte sedert 1296 bij Philips IV of den schoone koning van Frankrijk, aan.
Deze verbintenis deed Floris den dood.
Eduard, die reeds met het vermoeden omging, dat de graaf zijn onechten zoon Witte van Haamstede (op Schouwen) liever
tot opvolger had dan zijn zoon Jan, uit wettigen echt gesproten, die met 's konings dochter Elisabeth was verloofd,
besloot nu Floris ten valte brengen.

Margareta van Bourgondië oom Jan van Beieren 1417

 

Source: https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=Geschiedenis+der+stad+zaltbommel&coll=boeken1&page=2&identifier=Q0CBI8b9hjMC

Geschiedenis van het vaderland

  • 1874

Nerviërs

De Nerviërs (LatijnNervii), waren een Belgische volksstam die ten tijde van de verovering door Julius Caesar in het noorden van Frankrijk en het zuiden van België woonde, tussen Schelde en Samber. De stam beheerste een belangrijke sector van de grote handelsweg van Keulen naar Amiens (de Chaussée Brunehaut).

 

Woongebied van de Nerviërs

Caesar noemt als buurvolkeren: de Viromandui (Vermandois), de Atrebates (Arras), de Atuatuci en de Remi (Reims).[1] Tacitus vermeldt dat de Nerviërs in zijn tijd prat gingen op hun 'Germaanse' afkomst, als het ware om zich te distantiëren van de 'makke' Galliërs. Ook Caesar zegt dat de meeste Belgae afkomstig waren van de Germanen, dat wil zeggen van over de Rijn kwamen. De Griekse geograaf Strabo schrijft dat de Nerviërs een Germaans volk waren, maar aan de Treveri grensden. Waarschijnlijk verwisselde hij de Nerviërs met de Eburonen.[2] Onderzoekers hebben sporen van hun Germaans dialect menen terug te vinden in een reeks toponiemen in hun woongebied, vooral in de Belgische provincie Henegouwen.

De Gallo-Romeinse, zeer uitgestrekte civitas Nerviorum omvatte waarschijnlijk ook de woongebieden van andere, meer noordelijk en oostelijk te situeren stammen, waarvan Caesar zegt dat zij afhankelijk waren van de Nerviërs: Ceutrones, Levaci, Geidumni, enz.[3] Dit Romeinse administratieve gebied werd vermoedelijk begrensd door de Rupel in het noorden, de Schelde in het westen, de civitas Tungrorum in het oosten en de civitates Remorum en Ambianorum in het zuiden. Dichte bossen maakten dat in het oosten en het zuiden de grenzen onduidelijk waren.

Voor de Romeinse tijd kenden de Nerviërs vier oppida: Asse, Elewijt, Binche en Blicquy.[4] De Romeinen gaven de voorkeur aan één civitas (administratieve hoofdplaats). Zij wezen Bagacum Nerviorum (Bavay) hiertoe aan. Tijdens de late keizertijd werd na de val het Gallische keizerrijk, die in 275 tot rampzalige invallen van de Franken had geleid, de hoofdplaats naar Cameracum (Kamerijk) verplaatst. De naam van het gebied werd gewijzigd in civitas Cameracensium. De grenzen bleven ongeveer bewaard in die van het middeleeuwse bisdom Kamerijk.

De Nerviërs en Caesar

In 57 v.Chr. trachtten de Nerviërs, o.l.v. Boduognatus, Caesar tegen te houden aan de Sabis.[5] Enkele jaren later, in 54 v.Chr., slaagde de stam er bijna in het legioen van Quintus Tullius Cicero, dat in hun grensgebied overwinterde, uit te schakelen[6] met represailles als gevolg.[7] Voor de grote opstand van Vercingetorix leverden ze volgens Caesar 6000 man.[8]

Caesar leed in de slag aan de Sabis (de huidige rivier de Selle) zware verliezen, hetgeen hem ertoe noopte een aantal details mee te delen over deze volksstam, die overeenkomen met wat hij in zijn inleidend hoofdstuk vertelde over de Belgen in het algemeen: zij lieten geen Romeinse handelaars toe binnen hun gebied die wijn of andere luxegoederen zouden invoeren en voerden vaak oorlog met de Germanen; het waren woeste en dappere kerels, die zich niet met Rome wilden inlaten.[9]

Caesar heeft een interessante uitweiding over de 'hagen', die typisch blijken te zijn geweest voor het Nervisch gebied (Frans en Belgisch Henegouwen, Waals-Brabant) waar hij in 57 v.Chr. doorheen trok. Die hagen zoomden de velden en de wegen af en hinderden de opmars van Caesar.[10] De Romeinse veldheer kent er een militaire functie aan toe: de Nerviërs hadden geen noemenswaardige ruiterij en streden vooral te voet, waarbij zij door hun hagen in het voordeel waren. In elk geval wijzen deze hagen erop dat langs de grote baan Amiens-Keulen de bossen plaats hadden gemaakt voor cultuurgronden. Zijn beschrijving is best toepasbaar op de 'kanten' of houtwallen rondom de akkers, zoals ze tot voor enkele tientallen jaren haast overal te zien waren.

Source: https://nl.wikipedia.org/wiki/Nervi%C3%ABrs

 

DE NERVIËRS

 

De Nerviërs besloegen de landen ten oosten der Schelde tot over de Samber; zij paalden ten noorden aan de Menapërs en de Ambivarieten ; ten oosten aan de Eburonen en Aduatieken, ten zuiden aan het  gebied van de Trevieren, de Veroroanduren en de Atrebalen. Al deze gewesten komen later onder de benamingen van Brabant ,het  land van Aalst, en Henegouwen voor.

De hoofdplaats van de  Nerviërs was Baganum of Bagacum  Nerviorum , of  eigenlijk  Bagacum, het hedendaagse Bavay , juist over de grens in Frankrijk nabij  Valenciennes .

 

In de zevende eeuw, omvatte het voormalige bisdom van Kamerijk, of het grondgebied van de Nerviërs,  zes  kantons:

 

1. Cameracensis  pagus, Cambresis, die de stad van Camaracum  nu Cambrai of Kamerijk

2. Hainou pagus (henegouwen)  , met Malbodium of Castri  locus nu Maubeuge;

3. Fanomartensis pagus , kanton waarvan Fanomartis of  Famars de hoofdstad werd later Valenciennes:

4. Fania of les Fagnes een streek volledig bedekt met bossen

5. Carbonaria Sylva, wat kolenwoud betekent, is een uitloper van het Ardeense woud;

6. De Brachbantensis pagus of voormalige Brabant, begrensd in het westen en noorden door de Schelde, in  het oosten door de Dijle, en in het zuiden door de Haine. Het gedeelte van Gent, op de rechteroever van de Schelde behoorde tot Brabant. Verdere plaatsen waren de volgende : Condatum (Gondé), aan de Haine en de Schelde, Antonium (Antoing), Luitosa (Leuze), Sunniarum (Soignies, 665); Merrebechi (Meerbeek, bij Ninove), Ticlivinni (Dickelvenne, a. d. Schelde, 750); Nivialcha, Niviella (Nivelles, 7de eeuw). Ook (lambron (730), Scorisse (822), Baceroth (Baesrode of Bachere, 822); Malinas (Mechelen, 753), Vilvorde (779). In de negende eeuw nog Alost, Flithersala (Vlierzele), Gisingazele (Gyzenzele), Gaugiaco (Goick). Aan 'l einde der 9de eeuw : Liniacum (Lennick), Wambacis (Wambeeck), Tobacis (Tubise of Tubeck) , Itturna (Ittre) , Rosbacen (Rebeke) , Hanuaria (Henntiyères), Bolarium (Baulers), Ville-sur-Haine , ook in Hannonia genoemd, Holthem (Hauthem)'.

Deze  werden  allemaal opgenomen in het bisdom van Kamerijk, in de zevende, achtste en negende eeuw.

 

Enkel Caesar vernoemt een aantal kleinere stammen,  we kunnen enkel op hem voortgaan en enkel de woonplaats aan de hand van wat Ceasar liet schrijven gissen. Walckenaer  plaats de Levaci tussen Sint Lievens Esse en Asse, de Geïduni ten zuiden van de Schelde in de buurt van Gent en Deinze, de Pleumoxii rond Pommerceus, nabij Bergen, de Grudii in de nabijheid van Oudenaarde en Grotenberge; de Centrones in de buurt van Dendermonde en Brussel. In werkelijkheid is deze plaatsbepaling   gebaseerd op de gelijkenis tussen  de  oude en de moderne namen en op de tekst van  een onvoldoende  aantal antieke auteurs. Met andere woorden het is en blijft gissen.

 Source: http://users.telenet.be/ericvdd/de%20nerviers.html

 

De Nerviërs, waren een Belgische volksstam die ten tijde van de verovering door Julius Caesar in het noorden van Frankrijk en het zuiden van België woonde, tussen Schelde en Samber. De stam beheerste een belangrijke sector van de grote handelsweg van Keulen naar Amiens.

 

https://historiek.net/karel-v-keizer-nederlanden/65451/

Karel V was een Habsburgs keizer die over het grootste Europese rijk regeerde sinds dat van Karel de Grote. Hij was landsheer van de gewesten die de latere Nederlandse Republiek zouden vormen. In de Nederlandse historiografie heeft Karel V relatief weinig aandacht gekregen. De meeste aandacht ging uit naar zijn opvolger Filips II als heer der Nederlanden.

 

Rijksdag van Augsburg (1530)

De Rijksdag van Augsburg werd in 1530 georganiseerd door Keizer Karel V, in de hoop te komen tot één christelijke waarheid door alle meningen aan te horen. Dit omwille van de reformatie die was begonnen door Maarten Luther in 1517.

Luthers naaste medewerker Melanchthon stelde de Confessio Augustana op voor de reformatorische beweging. Deze confessio was gematigd van toon omdat Melanchthon en consorten hoopten op een verzoening.

Te Augsburg kwam het echter niet tot een verzoening en het Edict van Worms werd vernieuwd.

De Rijksdag eiste het herstel van het bisschoppelijk gezag en de teruggave van kerkelijke goederen die door de reformatoren waren geconfisqueerd. Enkel de katholieke standen ondertekenden het besluit van de Rijksdag. Om de uitvoering van dit besluit tegen te gaan sloten de protestanten in 1531 het Schmalkaldisch Verbond tegen de keizer.

Source: https://nl.wikipedia.org/wiki/Rijksdag_van_Augsburg_(1530)

 

augsburgse confessie:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Confessio_Augustana

1 Samuël 16

21 Alzo kwam David tot Saul, en hij stond voor zijn aangezicht; en hij beminde hem zeer, en hij werd zijn wapendrager.

Wapendrager:
schildknaap, wapenknecht.

 

Genesis 49:
8 Judah, thou art he whom thy brethren shall praise: thy hand shall be in the neck of thine enemies; thy father's children shall bow down before thee.
9 Judah is a lion's whelp: from the prey, my son, thou art gone up: he stooped down, he couched as a lion, and as an old lion; who shall rouse him up?
10 The sceptre shall not depart from Judah, nor a lawgiver from between his feet, until Shiloh come; and unto him shall the gathering of the people be.
11 Binding his foal unto the vine, and his ass's colt unto the choice vine; he washed his garments in wine, and his clothes in the blood of grapes:
12 His eyes shall be red with wine, and his teeth white with milk.
13 Zebulun shall dwell at the haven of the sea; and he shall be for an haven of ships; and his border shall be unto Zidon.

 

Mijn oudste gevonden directe voor ouder is Heynric van Ghyr /Heynric de(n) Ghyr. (zie reden hier onder)

Klooster der Kruisheren te Roermond, i.331-784  (1331-1784)

Kruisherenklooster

Het dankt zijn ontstaan (1422) aan een kapel, de Corneliskapel.
Het Broederschap van de Heilige Cornelis was o.a. officieel belast met de geestelijke zorg voor het garnizoen, 
maar ook kwamen vele burgers naar het klooster om er te biechten en religieuze bijstand te ontvangen. 
Het klooster werd mei 1784 gesloten door Joseph II.

 

Nr. 349.

I.331 october 16
Reinald, graaf van Gelre, belooft Dirk VIII, graaf van Kleef, betaling van 5-000 mark oude Brabantse penningen,
4 denarien voor 1 oude koningsgroot Tournoois van Frankrijk gerekend, binnen zekere termijnen.


Veertig borgen w.o.:

Otto, heer van Kuik, Jacob van Mirlar de Jonge, Arnt van Wachtendonc, Wouter van VoshemHeynric van Ghyr.


Lacomblet III nr. 257

 

Bron: https://www.roermond.nl/organisatie/BS/Arch/docs/regesten/Res%20Gestae%20215tm503versie2015.pdf

 

Source: https://de.wikipedia.org/wiki/Theodor_Joseph_Lacomblet

https://de.wikipedia.org/wiki/Landesarchiv_Nordrhein-Westfalen_Abteilung_Rheinland

http://www.archive.nrw.de/lav/abteilungen/rheinland/bestaende_duesseldorf/index.php

http://digitale-sammlungen.ulb.uni-bonn.de/content/titleinfo/16024

http://digitale-sammlungen.ulb.uni-bonn.de/topic/view/17159

 

 

Nr. 338.

I.366 januari 21
Johan van Meurs, ridder, oorkondt dat Bovo heer van Friemersheim, zijn vrouw Lisebet en
zoon Henric na rade van verwanten en vrienden hem burcht en heerlijkheid Vrymerssem
heeft verpand voor 11800 oude gouden schilden. Pandnemer stelt borgen o.a.: Arnt van
Randenrode, Arnd van Wachtendonk, Johan van Rheydt, Jacob van Milendonk, Johan van
Broekhuizen, Johan van Wickrath, Johan van Mirlaar, ridders, Henric voogd van Neersen,
Dirk van Eyl, knapen.  

Bron: https://www.roermond.nl/organisatie/BS/Arch/docs/regesten/RGIV_PDF.pdf

 

Nr. 351.

I.369 mei 19
Henric van der Straten, ridder, vordert Arnold heer van Wachtendonk en Sander van Vossem,
ridders, de schuldbrief van graaf Johan van Kleef t.b.v. Herman van Boedberg en diens
moeder over te geven, die zij in bewaring hebben, daar graaf Adolf van Kleef de zaak heeft
afgelost.
Kleve-Mark, I.368-394 nr. 7

Bron: https://www.roermond.nl/organisatie/BS/Arch/docs/regesten/RGIV_PDF.pdf

 

Borgen: zijn in dit verband mensen die voor iemand anders borg staan, om zekerheid te geven dat die persoon zijn belofte zal nakomen.

W.o: dat betekent in dit verband waar onder. of onder wie.

Het kan zijn dat de oorspronkelijke oorkonde in het Latijn is en dat daarom alle namen beginnen met `de', wat Latijn is van `van'. Maar een Latijnse vertaling van `de' is er niet, en zo zou de getuige De Gyer er kunnen staan als De Gyer. Dan heeft iemand daarvan weer een Nederlandse vertaling gemaakt en zo de naam Van Gyer verzonnen. Als het zo is gegaan, zou deze Hendrik van Gyer dus inderdaad wel Hendrik de Gyer kunnen zijn. Hij leefde wel in dezelfde tijd als de echte Hendrik de Gyer.

 

Nr 396
Reinald hertog van Gelre geeft, met toestemming van zijne gemalin Alianora, aan een Karthuizer klooster, dat toestemming van zijn gemalin Alianora,
aan een Karthuizer klooster, dat hij begonnen was te timmeren in eenre stede gheheyten Monichusen bi Arnhem, 500 pond kleine penningen des jaars,
uit zijne tijzen in het Nieuwbroek op de Veluwe(*) 24 Julij i.342.
Int jaer ons Heren M. CCC. twee ende viertich, op S. Jacobs auont des Apostels.
De oorspronkelijke perkamenten brief No. 263 is een vidimus, geeven door Jan proost van Arnhem en Jan van den Polle, Kanonik van den dom te Keulen,
Uitgegeven in Lindeborn, Hist. Episc. Davent. p. 179, in de Kerkel. Hist. en Oudenheden der 7 Verenigde Provincien, deel VI. bl. 512. en elders.

 

 

 
 
  • Gelre, graafschap, later hertogdom, en Zutphen, graafschap (vorstendom) 1494
    - regerende vorsten, zie ook Gulik, Willem hertog van - en Maria van Gelre,
    hertogin van Gulik; zie ook Philips (de Schone), aartshertog van
    Oostenrijk en koning van Castilië; zie ook Karel (de Stoute), hertog van
    Bourgondië; zie ook Maximiliaan, aartshertog van Oostenrijk, roomskoning
    en keizer; zie ook Karel V, keizer; zie ook Philips II, koning;
    zie ook Anthoin, hertog van Lotharingen, als pretendent-vorst, 1733
  • - - Reinald II (van Gelre) (1326-1343)                   330,332,335A,338,339,343,
                                                                                    346A,347A,349-351,354,358,
                                                                                    360,360A,360B,362,363,368
                                                                                    368A,369,371A,381,383A,388

Ghyr (Ghoor?), Heynric van                                      349

  • Kleef, graven, hertogen                                       142A,164C,170A,253,633,1579
    - Dirk VIII graaf van                                               347,349,375
  • Kuik, heren van                                                     475,528,608
    - Otto heer van                                                      296,340,349,385
  • Mirla(a)r (Meyrlaer, Mierlaar, Mirlaer, Mirlair, Mirle, Myerlar) zie ook Milendonk
    - Jacob, heer van - en Milendonk, ridder            346,349,400A,427C,494
  • Zwartbroek (Swartenbroek, Svartbruck) 469
    - schepenen van                                                   348,349,377
  • Vossem (Voscheyn, Vosheym, Vossum, Voysheym)
    - Wouter van -, ridder                                           338,346,349
  • Wachtendonk (-donck, Geisseren, Geseren, Wachteldunc) 1579
    Wachtendonk (naamsvarianten zie hierboven)
    - Arnold van -, ridder                                            338,349,371A,388A, 396B,398A,
                                                                                   427C,429A,494
 

 

Heynric die Gyer (Knaap, boer) en Jan die Ghyer (Richter, boer) wonen en werken tussen Maas en Waal zijn broers.
Heynric is de vader van Gerit en Her Peter (Ridder) zie I.382 VIII pond belasting en Peter de Gier is zijn zoon. zie belasting I.382 VI pond

De drie mannen die in I.369 elk voor 8 pond zijn aangeslagen in verschillende plaatsen, kunnen broers zijn, maar dat is niet zeker. Het kunnen ook neven zijn, of andere familieleden. 
Peter de Ghier die in Veld-Driel wordt aangeslagen, is hoogst waarschijnlijk wel dezelfde die een vicarie op zijn hof aldaar vestigde. 
(Marietje)*

Het land tussen Maas en Waal, eigenlijk niet meer dan een smal strookje grond tussen twee brede waterstromen. Samen met buitenpolders, slaperdijken, eendenkooien, uiterwaarden en boomrijke eilandjes maken Maas en Waal dit stukje Nederland tot een oer-Hollands stukje land. Hier delen rustzoekers en natuurgenieters de polders en uiterwaarden met ganzen en steltlopers.
Onlosmakelijk verbonden aan ons waterrijke land zijn de bouwwerken die de mens er neerzette: Fort Sint Andries had een grote strategische waarde voor de handel en de verdediging; stoomgemaal De Tuut hield het land droog en in de steenfabrieken werd klei uit de rivieren tot bakstenen gebakken. Het terrein van Bato's Erf, een voormalige steenfabriek, is helemaal teruggeven aan de natuur. Een robuust landschap waar de krachten van mens en water nog altijd samenwerken.


Deze informatie is te vinden in het boek: 
"Schatting van den Lande van Gelre voor het overkwartier en de betuwe van 1369"

Deze 3 foto's hieronder zijn gemaakt op 26-7-2012.

 

Item Heynric die Gyer VIII pond belasting I.369 (blz 122) te Lewen (Leeuwen) Tusghen Mase ende Wale.
Item Gerit die Gier VIII pond belasting I.369 (blz 207) te Rossem. (Fol. 54)
Item 
Peter die Gier VIII pond belasting I.369 (blz 222) te Velt Driele. (Fol. 57)

Hieruit maak ik op dat Heynric de vader is van Gerit en Peter daar er nu geen 2 Peters zijn met belasting. In 1382 is Heynric dood want hij wordt niet meer vermeld in de belasting boeken bovendien is er van Heynric al in 1331 oktober 16 bekend dat hij knaap is dat maakt dat hij rond 1315 geboren is. Gerit wordt eerst in Amerzoden vermeld als leenheer. Daarna wordt het vermeld dat de andere familieleden hetzelfde leen hebben gekregen. Dat maakt dat Gerrit na 1390 overleden is.

 

Item Ymbrecht die Geyer VIII pond belasting I.369 (blz 176) te Teyle. (Fol. 46v)
Item Maes die Geyer II pond belasting I.369 (blz 115) te Wychen. (Fol. 30v)

 

Item Peter die Ghier VI pond belasting I.382 Folio 49 (blz 18) gegoed te Dryele. Extrancy Dryele. (zoon van Her Peter de Ghier)
Item Gherit die Gier VIII pond belasting I.382 Folio 50 (blz 20) gegoed te Roshem. Sit. IIIIc XXVII lb.

Source: https://archive.org/details/schattingvanden00ducgoog

 

Summa van Tielreweert vurscreven
IIm VIIc XCII lb.

Summa van alle Bomelreweert ende Tielreweert vurscreven
VIIIm IIIc en I lb.maken IIIIm CLI alden scilt, II lb. voer den alden scilt gerekent.

Doorgehaald:
Item van Floris van Beesde geboert bij Johan Haken tot Bomel op dertien avende, LX alde scilde.
Summa sumax van allen opboeren vuerscreven IIIIm IIc XI alden scilt
.

Dit is opboren Derich Riquijns tot Driele inden jare lxxxii circa festum Pasche. 

(Alet Johan Agen I alden schilt).
(Item Boudewijn Rolofs soen III alden schilden).

Item Peter die Ghier VIII pond belasting 1382 Folio 69 (blz 59) gegoed te Dryele. (Her Peter de Ghier vader van Peter de Gier)

  

(Summa lateris Ic III½ scilt.)
(Summa lateris Ic XXXII sc.)

Item Hillen die Gyer  I.434 VI sc. Folio 6 (blz 13) gegoed te Dryele.
Restant van desen Scattinge. 
Dryele. 
Item Hillen die Gyer I.434 VI sc. Folio 36 (blz 43) gegoed te Dryele.

 

Bron: Jan die Ghyer I.339 richter tusschen Maze ende Wael.

 

Nr 349 Regestenlijst te Roermond

I.331 oktober 16 Cnapen Heynric den Ghyr

Op 27 maart I.335 wordt Heynric die Ghyer vermeld als knape bij de manschap van Heer Heynric van der Lecke, ridder.
Als je van deze informatie uitgaat dan is hij ca I.315 geboren. Dat maakt Henrik ouder dan Peter dus een voorvader of verwante van mij.
Heynric  wordt ook vermeld in I.369 als belasting plichtige te Lewen (Leeuwen) Tusghen Mase ende Wale waar hij Peter  en Gerit  de Gier VIII pond moeten betalen. Omdat Jan die Ghyer niet meer vermeld word in 1369 zou het zelfs kunnen betekenen dat hij de vader is van Heynric.


Als je kijkt hoe de namen zijn gespeld zou je gaan denken dat 
Heyndric die Ghyer, Jan die Ghyer en Peter die Gier, Gerit die Gier alle 4 van 2 families komen , maar in die tijd werden de meeste dingen fonetisch opgeschreven dus dit bewijst nog steeds niets. Ze kunnen ook broers en/of verwanten van elkaar zijn. Ze zijn ook allemaal verspreid over het gebied en hebben belangrijke functies.

 

Source: https://www.archieven.nl/nl/zoeken?miadt=37&mizig=210&miview=inv2&milang=nl&micols=1&mires=0&micode=0001&mizk_alle=ghier

 

 

DENARIE

De denarie was een Romeinse munt met de waarde van 4,5 gram zilver. De munt droeg het beeld van de keizer, en werd voor de belasting gebruikt, (Matt.22:19; Mc.12:15; Luc.20:24). De Romeinse denarie en de Griekse drachme waren in koopkracht aan elkaar gelijk. De munt werd waarschijnlijk rond 211 v. Chr. ingevoerd, tijdens de tweede Punische Oorlog ten tijde van de Romeinse Republiek. Het woord denarius komt van denarius nummus, wat munteenheid van tien betekent, want zijn waarde was aanvankelijk 10 as. Dat kwam overeen met ruim een halve kilo brons (540 g). Aangezien de waarde van brons tot zilver zich in die tijd verhielden als 1:120, woog de denarie 4,5 g. Rond 140 v. Chr. was het zilver relatief veel meer waard geworden en de denarie werd gerevalueerd tot 16 as i.p.v. 10. De nieuwe denari�n werden op de voorzijde voorzien van het teken X als monogram voor XVI.


Vertaalkwesties
De Denarie en de Drachme worden in de NV vertaling met "schelling" vertaald.
De Statenvertaling vertaalt Denarie en Drachme met "penning", behalve in Hand.19:9, daar wordt het vertaald met "zilverstuk".

Bron: http://www.lachairoi.be/index.htm?matenomrekenen.htm&B

 

Brabant

Brabant,

1. hertogdom in de Nederlanden, ontstaan rond het jaar 1000, toen het graafschap Leuven uitgebreid werd met enkele omliggende graafschappen.

De omvang hiervan kwam ongeveer overeen met die van de huidige Belgische provincies Vlaams- en Waals- Brabant. De grote uitbreiding ontstond toen graaf Godfried I (1095-1140) in 1106 hertog van Neder- Lotharingen werd. Vanuit deze positie verwierf hij het grote markgraafschap Antwerpen (globaal de huidige Belgische provincie Antwerpen en de Nederlandse provincie Noord-Brabant). De titel "hertog van Brabant" ontstond daarna in de loop van de 12e eeuw.

In de 13e eeuw werden Maastricht en het hertogdom Limburg aan Brabant toegevoegd.

Het wapen van Brabant is een gouden leeuw op een zwart schild. Dit wapen kwam reeds tijdens de regering van Godfried III (1142-1190) op de munten voor, toen zijn zoon Hendrik I regent was tijdens de tweede kruistocht van zijn vader.

De vroegst dateerbare Brabantse munten zijn penningen die geslagen werden te Leuven en te Antwerpen tijdens de regering van Godfried I. De Brabantse penningen uit de 12e eeuw, meestal Leuvense penningen genoemd, werden langzamerhand een belangrijke rekeneenheid.

Ze zijn over het algemeen iets zwaarder dan de penningen uit Friesland en Utrecht, bisdom uit dezelfde tijd, maar zijn beduidend lichter dan de zware Keulse penning waarvan het gewicht maar weinig onder dat van het Karolingische voorbeeld lag; Karolingische muntslag. In de 13e eeuw daalde het gewicht van de Brabantse penning ook verder en tegen het einde van de eeuw werden veelvouden geslagen: sterlingen en dubbele sterlingen.

In de 14e eeuw werd de Brabantse sterling of brabantinus (1/3 groot) van Jan III (1312-1355) een belangrijke muntsoort naast de Vlaamse leeuwengroot. De brabantinus werd veel geïmiteerd door kleinere heren.

Rond 1330 begon men in Brabant, evenals in Vlaanderen, de Florentijnse gulden na te volgen. Deze imitatie was daarmee de eerste gouden muntsoort die in de Nederlanden geslagen werd de Karolingische tijd.

In de tweede helft van de 14e eeuw kwam het Brabantse muntwezen sterk onder de invloed van het Vlaamse, wat onder andere blijkt uit de muntovereenkomst in 1384 tussen hertogin Johanna (1355-1406) en de Bourgondische hertog Philips de Stoute, graaf van Vlaanderen (1384-1404). De zogenaamde rozebekers die volgens deze overeenkomst geslagen werden, dragen in Vlaanderen de namen van Philips en Johanna, en in Brabant de namen van Johanna en Philips.

Na de dood van Johanna volgde Philips' tweede zoon Antoon haar op in Brabant. In 1430 erfde hertog Philips de Goede het land en verenigde Brabant met de Bourgondische Nederlanden. Bij de unificatie van de muntslag in 1433, werd de Vlaamse groot als Bourgondische groot de basis van het nieuwe stelsel.

De Brabantse groot, ter waarde van 2/3 Bourgondische groot, bleef echter nog lange tijd als rekeneenheid in gebruik. Muntjes beneden de kwart groot werden nog volgens de oude gewestelijke stelsels geslagen.

Zo kon de duit van 6 mijten Vlaams ( = 9 mijten Brabants) negenmanneke genoemd worden.

Zie verder Bourgondië, Bourgondische Nederlanden en Zuidelijke Nederlanden.

De Bourgondische hertogen en hun opvolgers hebben tot aan 1794 de Brabantse titels op hun munten gevoerd.

2. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog hebben de "Vrije Staten van Brabant" zelfstandig te Antwerpen gemunt (1584-1585).

3. In de loop van de Tachtigjarige Oorlog werd het noorden van het hertogdom door de Republiek veroverd en bij de Vrede van Munster (1648) formeel afgestaan. Deze gebieden werden onder de namen Staats-Brabant en het Land van Overmaze als Generaliteitslanden rechtstreeks door de Staten-Generaal bestuurd.

Na de Franse Revolutie werd in 1796 het voormalige Staats-Brabant onder de naam Brabant opgenomen in de Bataafse Republiek. Eind 1798 gaf dit nieuwe gewest recepissen uit ter inwisseling van de in 1795 ontvangen Franse assignaten.

Deze recepissen golden ook als vergoeding van de schade ten gevolge van allerlei vorderingen sinds 1794.

 

Urkundenbuch der Stadt Braunschweig.

Im Auftrage der Stadtbehörden hrsg. von Ludwig Hänselmann 

de Gyr, Ghir, in der Altftadt, Albert, -brecht, -breycht, Schwager Hennings v. Stöckheim (vor 1 328) 1329. 31 : 190''- '^ 213"
234.7. ^of..

Bron: http://scans.library.utoronto.ca/pdf/9/12/ab3urkundenbuchd03stad/ab3urkundenbuchd03stad.pdf

 

Abb.A.Uk - 29

1398 September 14 {ipso die Exaltationis sancte crucis}
Permalink der Verzeichnungseinheit

Der Knappe Ludolph van Herze verkauft mit Willen seines Bruders Herman van Herse, Knappen, seine Hufe Saatland zu Borchen, die derzeit sein vollschuldiger Mann Henke de Hegere bebaut, mit Zustimmung des Edelherrn Bertold van Buren als Lehnsherrn dem Knappen Albert van Haxthusen für bezahlte 20 rheinische Gulden. Beiden Seiten bleibt die Ablösung der Hufe nach vorheriger Kündigung zwischen Michaelis und Martini zu Weihnachten für 20 Gulden vorbehalten. Als Bürgen verpflichten sich die Knappen Gyr van dem Calenberge und Herman van Sunreke, dem Käufer einen etwaigen Schaden auf Mahnung binnen 14 Tagen mit Geld oder in Pfändern, die man tragen oder treiben kann, zu ersetzen. Der Verkäufer, sein Bruder, der Lehnsherr und die beiden Bürgen siegeln. (Regest)

 

Bron: http://www.archive.nrw.de/LAV_NRW/jsp/findbuch.jsp?archivNr=451&klassId=12&tektId=4&id=2328

Van Adam tot Noach

Genesis 5

1 Dit is het boek van Adams geslacht. Ten dage als God den mens schiep, maakte Hij hem naar de gelijkenis Gods.
2 Man en vrouw schiep Hij hen, en zegende ze, en noemde hun naam Mens, ten dage als zij geschapen werden.
3 En Adam leefde honderd en dertig jaren, en gewon een zoon naar zijn gelijkenis, naar zijn evenbeeld, en noemde zijn naam 
Seth.
6 En Seth leefde honderd en vijf jaren, en hij gewon Enos.
9 En Enos leefde negentig jaren, en hij gewon Kenan.
12 En Kenan leefde zeventig jaren, en hij gewon Mahalal-el.
15 En Mahalal-el leefde vijf en zestig jaren, en hij gewon Jered.
18 En Jered leefde honderd twee en zestig jaren, en hij gewon Henoch.
21 En Henoch leefde vijf en zestig jaren, en hij gewon Methúsalach.
24 Henoch dan wandelde met God; en hij was niet meer; want God nam hem weg. (Hij stierf niet) (Hebreeën 11:5)
25 En Methúsalach leefde honderd zeven en tachtig jaren, en hij gewon Lamech.
29 En hij noemde zijn naam Noach, zeggende: Deze zal ons troosten over ons werk, en over de smart onzer handen, vanwege het aardrijk, dat de HEERE vervloekt heeft!
32 En Noach was vijfhonderd jaren oud; en Noach gewon 
Sem, Cham en Jafeth.  (Gomer)

Noach tot Abraham

Genesis 10
21 Voorts zijn
 Sem zonen geboren; dezelve is ook de vader aller zonen van Heber (Hebreeuwer), broeder van Jafeth, de grootste.
22 Sems zonen waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram.
24 En Arfachsad gewon Selah, en Selah gewon Heber.
25 En Heber werden twee zonen geboren; des enen naam was Pelegwant in zijn dagen is de aarde verdeeld
en zijns broeders naam was Joktan.
Gen 11:18.
En Peleg leefde dertig jaren, en hij gewon Rehu.
Gen 11:20.
En Rehu leefde twee en dertig jaren, en hij gewon Serug.
Gen 11:22.
En Serug leefde dertig jaren, en gewon Nahor.
Gen 11:24.
En Nahor leefde negen en twintig jaren, en gewon Terah.
Gen 11:26.
En Terah leefde zeventig jaren, en gewon Abram, Nahor en Haran.
Gen 11:29.
En Abram en Nahor namen zich vrouwen; de naam van Abrams huisvrouw was Sarai, en de naam van Nahors huisvrouw was Milka, een dochter van Haran, vader van Milka, en vader van Jiska.
Van Abraham tot Jezus.


Geslacht register van JEZUS/Yahushua tot zijn moeder en zijn vader יהוה:

Mattheüs 1
Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS, den Zoon van David, den zoon van Abraham.
Abraham 
(1) gewon Izak, en Izak (2) gewon Jakob, en Jakob (3) gewon Juda, en zijn broeders;
3 En Juda (4) gewon Fares en Zara bij Thamar; en Fares (5) gewon Esrom, en Esrom (6) gewon Aram;
4 En Aram (7) gewon Aminadab, en Aminadab (8) gewon Nahasson, en Nahasson (9) gewon Salmon;
5 En Salmon (10) gewon Booz (11) bij Rachab, en Booz gewon Obed bij Ruth, en Obed (12) gewon Jessai;
6 En Jessai (13) gewon David, den koning; en David, den koning(14) gewon Salomon bij degene, die Uria's vrouw was geweest;
7 En Salomon (1) gewon Roboam, en Roboam (2) gewon Abia, en Abia (3) gewon Asa;
8 En Asa (4) gewon Josafat, en Josafat (5) gewon Joram, en Joram (6) gewon Ozias;
9 En Ozias (7) gewon Joatham, en Joatham (8) gewon Achaz, en Achaz (9) gewon Ezekias;
10 En Ezekias (10) gewon Manasse, en Manasse (11) gewon Amon, en Amon (12) gewon Josias;
11 En Josias (13) gewon Jechonias (14) , en zijn broeders, omtrent de Babylonische overvoering.
12 En na de Babylonische overvoering gewon Jechonias Salathiël, en Salathiël (1) gewon Zorobabel;
13 En Zorobabel (2) gewon Abiud, en Abiud (3) gewon Eljakim, en Eljakim (4) gewon Azor;
14 En Azor (5) gewon Sadok, en Sadok (6) gewon Achim, en Achim (7) gewon Elihud;
15 En Elihud (8) gewon Eleazar, en Eleazar (9) gewon Matthan, en Matthan (10) gewon Jakob;
16 En Jakob (11) gewon Jozef (12), den man (vader) van 
Maria (13) , uit welke geboren is Yeshua (14), gezegd HaMashiach.
17 Al de geslachten dan, van Abraham tot David, zijn veertien geslachten; en van David tot de Babylonische overvoering, zijn veertien geslachten; en van de Babylonische overvoering tot Christus, zijn veertien geslachten.
18 De geboorte van Jezus Christus was nu aldus; want als Maria, zijn moeder, met Jozef ondertrouwd was, eer zij samengekomen waren, werd zij zwanger bevonden uit den Heiligen Geest.
19 Jozef nu, haar man, alzo hij rechtvaardig was, en haar niet wilde openbaarlijk te schande maken, was van wil haar heimelijk te verlaten.
20 En alzo hij deze dingen in den zin had, ziet, de engel des Heeren verscheen hem in den droom, zeggende: Jozef, gij zone Davids! wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen; want hetgeen in haar ontvangen is, dat is uit den Heiligen Geest;
21 En zij zal een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten JEZUS; want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden.
22 En dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden, hetgeen van den Heere gesproken is, door den profeet, zeggende:
23 Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Emmanuël; hetwelk is, overgezet zijnde, God met ons.
24 Jozef dan, opgewekt zijnde van den slaap, deed, gelijk de engel des Heeren hem bevolen had, en heeft zijn vrouw tot zich genomen;
25 En hij had geen gemeenschap met haar, totdat zij dezen haar eerstgeboren Zoon gebaard had; en heette Zijn naam JEZUS.

Genesis 3

15 En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar zaad; datzelve zal u den kop vermorzelen, en gij zult het de verzenen vermorzelen.

Raiders of the Lost Book - Ep 2 - By Michael Rood (uitleg stamboom van Jezus).

Jozef de stiefvader van Jezus/Yahushua zijn geslachtsregister is:

Lukas 3

Geslachtsregister van Jezus
23 En Hij, Jezus, begon omtrent dertig jaren oud te wezen, zijnde (alzo men meende) de zoon van Jozef, den zoon van Heli,
24 Den zoon van Matthat, den zoon van Levi, den zoon van Melchi, den zoon van Janna, den zoon van Jozef,
25 Den zoon van Mattathías, den zoon van Amos, den zoon van Naüm, den zoon van Esli, den zoon van Naggai,
26 Den zoon van Maáth, den zoon van Mattathías, den zoon van Semeï, den zoon van Jozef, den zoon van Juda,
27 Den zoon van Johannes, den zoon van Rhesa, den zoon van Zorobábel, den zoon van Saláthiël, den zoon van Neri,
28 Den zoon van Melchi, den zoon van Addi, den zoon van Kosam, den zoon van Elmódam, den zoon van Er,
29 Den zoon van Joses, den zoon van Eliëzer, den zoon van Jorim, den zoon van Matthat, den zoon van Levi,
30 Den zoon van Simeon, den zoon van Juda, den zoon van Jozef, den zoon van Jonan, den zoon van Eljakim,
31 Den zoon van Meleas, den zoon van Maïnan, den zoon van Mattatha, den zoon van Nathan, den zoon van David,
32 Den zoon van Jesse, den zoon van Obed, den zoon van Boöz, den zoon van Salmon, den zoon van Nahasson,
33 Den zoon van Aminádab, den zoon van Aram, den zoon van Esrom, den zoon van Fares, den zoon van Juda,
34 Den zoon van Jakob, den zoon van Izak, den zoon van Abraham, den zoon van Thara, den zoon van Nachor,
35 Den zoon van Saruch, den zoon van Ragau, den zoon van Falek, den zoon van Heber, den zoon van Sala,
36 Den zoon van Kaïnan, den zoon van Arfaxad, den zoon van Sem, den zoon van Noë, den zoon van Lamech,
37 Den zoon van Mathusala, den zoon van Enoch, den zoon van Jared, den zoon van Maláleël, den zoon van Kaïnan,
38 Den zoon van Enos, den zoon van Seth, den zoon van Adam, den zoon van God.
 
 

Geslacht register van Marita

 

Adam (930)1- 930 TR.  Eva (Heva) Seth (912) 130-1042 TR.  Azura Enos (905) 235-1140 TR.  Noam Kaïnan/Kenan/Cainan (910) 325-1235 TR.  Mualeleth Maláleël/Mahalal-el (895) 395-1290 TR.  Dinah Jared/Jered (962) 460-1422 TR.  Baraka Enoch 622 TR.  Edna (dr v Danel) Mathusala/Methúsalach (969) 687-1656 TR.  Edna (dr v Azrial) Lamech (777) 874-1651 TR.  Ashmua Noë/Noach (950) 1056-2006 TR.  Naamah (dochter van Enoch) Jafeth: Gomer/Zebulon ??? TR.  Adataneses (moeder = Naamah) Gomer.

 

 

Heynric de Gyer (Knaap) i (iesus) 311 – 382
Her Peter (Ridder) den zoon van i (iesus) 331 – 400
Peter Her Petersz den zoon van i (iesus) 390 – 420
Hillen Petersz (Knaap) den zoon van i (iesus) 400 – 461 ca. i (iesus) 420
Peter Hillebrantsz den zoon van i (iesus) 448 – 505 TR. Heilwich ca. i (iesus) 460 – 483
Hillebrant Petersz den zoon van i (iesus) 480 – 536 TR. Alit (Aleit, Aleyd) ca. i (iesus) 488 – 524
Dirk Hillebrantsz den zoon van i (iesus) 515 – 585 TR. Bertha (de) Man ca. i (iesus) 520 – 557
Hillebrant Dirksz den zoon van i (iesus) 545 – 618 TR. Lijsbeth (Claes) Corstiaans ca. i (iesus) 550 – 615
Peter (Pieter) Hillebrantsz den zoon van i (iesus) 590 – 642 TR.  Anneken Adrijaen Cornelis (Geertruijd?) ca. i (iesus) 606 – 646
Claes Petersz den zoon van i (iesus) 637 – 683 TR. Hilleke Willemse (Stoffels de Rou) ca. i (iesus) 637 – 683
Petri (Petrus) Claeszn den zoon van i (iesus) 673 – 743 TR. Margriet Wouterse van Delwijnen i (iesus) 679 – 741
Wouter (Walteri) Petersz den zoon van i (iesus) 708 – 781 TR. Anna Maria van Wachtendonck(*) i (iesus) 714 – 788
Peter (Wouters) de Gier den zoon van i (iesus) 754 – 821 Dorothea(e) (Theodorae) van Nes (Es) i (iesus) 757 – 802
Nicolaas de Gier den zoon van i (iesus) 782 – 828 Agnes Baars i (iesus) 792 – 835
Peter de Gier (Baars) den zoon van i (iesus) 822 – 865 Maria van Nes i (iesus) 836 – 906
Hillebrand de Gier den zoon van i (iesus) 864 – 952 Maaike van IJzendoorn i (iesus) 866 – 915
Petrus de Gier den zoon van i (iesus) 895 – 985 Maria Elisabeth van Loey i (iesus) 891 – 945
Joseph Hildebrand (Sjef) den zoon van i (iesus) 926 – 1002 (Tiny) Hubertina Josepha Brands i (iesus) 927 – 1010
Maria Rita Geretrud Petra dochter van i (iesus) 968

(*) Vader = Willem van Wachtendonck  Moeder = Arnolda de Cock (van Delwijnen)

Heinr. Ghyr 1335 Die ehemaligen Cistercienserinnen - Klöster im Herzogtum Cleve Von R. Scholten blz 92

Bron: http://digital.ub.uni-duesseldorf.de/ihd/periodical/pageview/8037051?query=Ghyr%20

 

  • Ghyr Eine Luneburgische familie, deren Wappen von Meding, II. N. 275 beschreibt

Neues allgemeines deutsches adels-lexicon im Vereine mit mehreren Historikern herausgegeben
von Prof. Dr. Ernst Heinrich Kneschke. Dritter Band [Eberhard - Graffen.]
Leipzig, Verlag von Friedrich Voigt. 1861

  • Ghyr. Altes, Längst erloschenes, Lüneburgisches Adelsgeschlecht, welches 1338 noch bl"hte.
    v. Meding, II. S. 189 und 190.
  • Gijr [Ghier, Gyeere, Vulture, Vultureus] Abrah., Clivensis; 1554b; 663,26

 

1339 des woensdaghes na zunte Lucyen daghe van Jan die Ghyer

Nicolaus de Ghier 1609 Placet Jurisdictie KLOOSTER  (gestolen) 

Officialaat / Kerkelijke rechtbank

Placet:

Bekrachtiging van een pauselijk stuk door een regering.

 

Schenking: 

 

schenking (mv: schenkingen)

De overeenkomst om waarbij de ene partij, de schenker, uit zijn eigen vermogen de andere partij, de begiftigde, verrijkt zonder dat de begiftigde een tegenprestatie verschuldigd is.

Schenking is een species van het begrip gift. Een gift is iedere handeling, dus ook andere (rechts)handelingen dan een overeenkomst, die er toe strekt een ander ten koste van het vermogen van de handelende persoon te verrijken.

Categorie 
Regeling 
Wetsartikel7:175
Synoniemenovereenkomst van schenking, gift, schenken

 

We krijgen graag geschenken en zeker met feestelijke gebeurtenissen (onze verjaardagen, die van de Goedheiligman, Kerstmis et cetera) gebeurt dat dan ook vaak. Het geven van dergelijke geschenken is een schenking.

Uiteraard kennen we de term schenking minstens net zo goed in een andere context: het geven van een geldsom aan bijvoorbeeld kinderen, kleinkinderen of een goed doel.

Wij bekijken de schenking in juridisch opzicht, want ook dat is er. De schenking is namelijk een bijzondere overeenkomst. We bekijken wat een schenking is, wat de regels zijn en hoe een schenking ongedaan kan worden gemaakt.

Schenking

Volgens de wet, is schenking een overeenkomst die ervoor zorgt dat de schenker ten koste van zijn eigen vermogen de begiftigde verrijkt. De schenker krijgt daar niets voor terug.

In tegenstelling tot wat velen denken, is schenking een overeenkomst. Er vindt dus een aanbod tot schenking plaats én een aanvaarding daarvan. Dat is ook logisch: anders schenkt u uw buurman uw kapotte wasdroger en uw vuilnis.

Het aanbod tot schenking wordt wel gemakkelijk geacht te zijn aanvaard: zodra uw buurman erachter komt dat u hem een kapotte wasdroger wil schenken en hij wijst dat aanbod niet direct af, heeft hij het (stilzwijgend) aanvaard.

Een schenking wordt normaal gesproken gedaan bij leven, maar het is in sommige gevallen mogelijk om de schenking pas te laten plaatsvinden na overlijden.

Schenking ongedaan maken

Het komt regelmatig voor dat degene die een schenking heeft gedaan, daar achteraf spijt van heeft. In beginsel is dat spijtig, want ‘pacta sunt servanda’: overeenkomsten moeten worden nagekomen, dus ook een schenkingsovereenkomst. Toch zijn er meer dan voldoende mogelijkheden om een schenking van tafel te krijgen.

Zo kan een schenking worden aangegaan onder een ontbindende voorwaarde of een opschortende voorwaarde. Treedt een ontbindende voorwaarde in, dan kan de schenking ongedaan worden gemaakt.

Om de schenking ongedaan te maken, kan eventueel tevens gebruik worden gemaakt van de mogelijkheid te schenking te vernietigen.

Vernietiging schenking

Er kan gebruik worden gemaakt van de ‘normale’ wilsgebreken om de schenking ongedaan te maken: bedrogbedreigingmisbruik van omstandigheden en dwaling. Slaagt een beroep op een van de wilsgebreken, dan vindt vernietiging van de overeenkomst plaats.

Juist misbruik van omstandigheden is daarbij van belang, want in het geval van een schenking, moet de begunstigde aantonen dat er geen sprake is van misbruik van omstandigheden, in plaats van dat de schenker moet aantonen dat er wel sprake van is. Er is dus sprake van een zogenaamde ‘omgekeerde bewijslast’. Die omgekeerde bewijslast geldt niet, indien de schenking bij notariële akte is vastgelegd óf indien het omkeren van de bewijslast tegen de redelijkheid en billijkheid in gaat.

Tevens is een schenking vernietigbaar wanneer de schenker ziek was en de schenking wordt gedaan aan zijn verzorger/verpleger of zijn geestelijk verzorger. Ook wanneer de schenking plaatsvindt terwijl de schenker in een bejaardenhuis of psychiatrische inrichting wordt behandeld, is zij gemakkelijk vernietigbaar wanneer ze aan medewerkers/leidinggevenden van die inrichting wordt gedaan. Deze regels bestaan uiteraard om misbruik van een gemakkelijk beïnvloedbaar schenker te voorkomen. Verjaring van deze mogelijkheid tot vernietiging gebeurt na drie jaar.

Ten slotte is een schenking gedurende één jaar na ontdekking vernietigbaar indien:

  • De schenking bepaalde verplichtingen voor de begunstigde inhield, die hij niet nakomt;
  • De begiftigde een (poging tot een) misdrijf pleegt tegen de schenker of zijn naasten;
  • De begiftigde verplicht is om in het onderhoud van de schenker bij te dragen, maar hij dit niet doet.

Schenking en overlijden

De wet bevat veel regels over het overlijden van een van beide partijen tijdens (het proces van) de schenking. Denk daarbij aan onder meer:

  • Schenkingen die pas na het overlijden van de schenker moeten worden uitgevoerd;
  • Schenkingen die vernietigd moeten worden na overlijden van de schenker;
  • Een nog openstaand aanbod van een schenking, waarbij de schenker reeds is overleden;
  • Situaties waarin de (toekomstig) begunstigde is overleden.

Het verdient aanbeveling om in dergelijke specifieke gevallen een jurist te raadplegen om advies op maat te verkrijgen.

De schenking in fiscaal opzicht

Bij het doen van een schenking, gelden ook fiscale regels. Het is van belang om daar rekening mee te houden en ervoor te zorgen dat u niet ongewild te veel belasting betaalt. Er gelden schenkingsvrijstellingen (die regelmatig veranderen). Op de website van de Belastingdienst, kunt u meer vinden over de fiscale gevolgen van de schenking die u wilt doen of gaat ontvangen.

Wilt u gaan schenken om juist belasting te ontwijken, dan is het verstandig om met een fiscalist contact op te nemen om te bezien wat de meest gunstige manier is om uw schenking vorm te geven.

Schenking – Conclusie

De schenking is wettelijk gezien ‘gewoon’ een overeenkomst, al heeft de wet er wel een aantal extra regels aan verbonden. Die gaan voornamelijk over een bescherming van de gemakkelijk beïnvloedbare schenker, over schenking bij overlijden en over het vernietigen van een schenking.

Heeft u vragen of conflicten rondom een schenking, dan is het verstandig, gezien de specifieke regelgeving, om een jurist in te schakelen. Besluit u dat te doen, doe dat dan tijdig, aangezien er korte verjaringstermijnen gelden en u van een begunstigde die het geld heeft uitgegeven (de ‘kale kip’) niet meer kunt plukken.

 

 

Protokol van opdrachten, testamenten, huwelijksvoorwaarden enzovoort

(ook wel geloftesignaat of loofsignaat genoemd)

 

3. Hendrik de Gier Hillebrants, + 20-6-1624 begraven in de St. Maartenskerk te Zaltbommel 54), schepen in de hooge bank van Driel 1608-23, collator van de vicarie van de H. Maagd en Johannes de Dooper in de kerk te Driel,

tr. voor schepenen van Driel op 23-9-1618 Beatrix Aerts de Cock;

zij tr. 2e Dirk Fonck, schepen van Driel, (zn. van Dirk Fonck en Catherina Dirk Claasdr.). 7-5-1629

Koop van Hendrik de Ghier, in dato 8-5-1622, betaald door Dirk Fonck gehuwd met diens weduwe. (Loofsignaat Driel).

5-5-1625 Belofte aan Beatrix Aerts de Cock wed. Henrick de Ghier, broeder van Aert de Cock schepen van Driel. (Loof signaat Driel) . 1951655 Comp. de erven van wijlen Hendrik de Gier en wijlen diens vrouw Beatrix de Cock. (Dingsignaat Driel).

12-3-1634 Beleend met Het Huis to Driel Dirk Dirks Vonck en zijn huisvrouw Beatrix de Cock (Leenakt.en kwartier van Nijmegen).

 

1. 20 jun 1624

2. Schepen in de hoge bank van Driel

3. Collator van de vicarie van de H. Maagd en Johannes de evangelist in de kerk te Driel

4. Trouwt voor schepenen van Driel.

6. 7-mei-1629 Koop van Hendrick de Ghier in dato 8-mei-1622, betaald door Dirk Fonck gehuwd met diens weduwe (loofsignaat Driel)

7. 19-mei-1655 Comp. de erven van wijlen Hendrik de Gier en wijlen diens vrouw Beatrix de Cock (Dingsignaat Driel)

8. 12-3-1634 Beleend met Het Huis te Driel Dirk Dirks Vonck en zijn huisvrouw Beatrix de Cock (Register leenakten, kwartier Nijmegen). AdG: bedoeld zal zijn het huis Teisterbant in het dorp zelf.

Hendrik trouwde op 2 december 1618 in Driel (Kerkdriel) met Beatrix Aerts de Cock.

 

Huwelijk van Hanrick de Ghyer en Baetken Aert de Cockdr 24 september (1)618 Driel

Kerk-Avezaath_Huis_Teisterbant