Biblical TAX

Tax is a lie

Belasting is een leugen

Het is een BEDRIJF net als DE STAAT DER NEDERLANDEN

D-U-N-S® nummer:~41-169-5539

 

https://www.rijksfinancien.nl/jaarverslag/2015/IX/onderdeel/d16e11104

Een vriendin denkt te lezen dat de belasting hier een bedrijfsproces beschrijft waarin de rollen en verantwoordelijkheden instaan alleen niet van de mensen die ze uitmelken. Die hebben geen rol in het proces.

 

Wet Inkomstenbelasting:

• Artikel 6.33. Definities
• In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
• A. giften: “bevoordelingen uit vrijgevigheid en verplichte bijdragen waar geen directe tegenprestatie tegenover staat;”
• Ik (jullie), ca. 8 miljoen volwassen Nederlanders betalen o.a. Loonbelasting, BTW, accijnzen, vermogensbelasting, motorrijtuigenbelasting en ondernemersbelastingen als verplichte bijdragen waar geen directe tegenprestatie tegenover staat van de belastingdienst.

Deze verplichte bijdragen zijn dus aftrekbaar als schenkingen aan een ANBI instelling!

 

 

Algemeen nut beogende instelling

Definities

De algemeen nut beogende instelling (anbi) is in het kader van de belastingheffing in het Koninkrijk der Nederlanden gedefinieerd in artikel 2 lid 3 en 5b[1] van de Algemene wet inzake rijksbelastingen:

1.] Een algemeen nut beogende instelling is:

a. een instelling – niet zijnde een vennootschap met in aandelen verdeeld kapitaal, een coöperatie, een onderlinge waarborgmaatschappij of een ander lichaam waarin bewijzen van deelgerechtigdheid kunnen worden uitgegeven – die:

1. uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt;

2. voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden;

3. gevestigd is in het Koninkrijk, in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een bij ministeriële regeling aangewezen staat, en

4. door de daartoe bevoegde inspecteur als zodanig is aangemerkt; b. een niet in het Koninkrijk, in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een bij ministeriële regeling aangewezen staat gevestigde, door Onze Minister als zodanig aangemerkte instelling indien en zolang zij voldoet aan de door hem te stellen voorwaarden.

2.] Publiekrechtelijke lichamen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek zijn algemeen nut beogende instellingen.

Sinds 2012 bestaat er ook de culturele algemeen nut beogende instelling ('culturele anbi'). Dit is een anbi die zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend richt op cultuur. Alleen bij een 'culturele anbi' kunnen haar donateurs gebruikmaken van de multiplier in de giftenaftrek van artikel 6.39a Wet IB 2001 en artikel 16, lid 3 Wet Vpb 1969. Daarnaast kan de 'culturele anbi' zelf gebruikmaken van de bestedingsreserve van artikel 12 Wet Vpb 1969.

 

 Source:

 

Meneer de rechter: "Wat is een tegenprestatie?" (Rechter antwoord dan: "Tegenover wegenbelasting staan wegen") Wegenbelasting gaat naar de algemene middelen pot (niet naar de wegen) en is dus geen tegenprestatie


Ze kunnen niet zomaar zeggen dat ze niet een ANBI zijn, want ze kunnen niet zomaar zeggen “wij beogen geen algemeen nut meer”, want dan zijn ze een commerciële instelling.

 

 

Matthew 5:

43 Ye have heard that it hath been said, Thou shalt love thy neighbour, and hate thine enemy.

44 But I say unto you, Love your enemies, bless them that curse you, do good to them that hate you, and pray for them which despitefully use you, and persecute you;

45 That ye may be the children of your Father which is in heaven: for he maketh his sun to rise on the evil and on the good, and sendeth rain on the just and on the unjust.

46 For if ye love them which love you, what reward have ye? do not even the publicans/tax collectors the same?

47 And if ye salute your brethren only, what do ye more than others? do not even the publicans so?

48 Be ye therefore perfect, even as your Father which is in heaven is perfect.

 

Luke 18:
10 Two men went up into the temple to pray; the one a Pharisee, and the other a publican/tax collector. G5057
11 The Pharisee stood and prayed thus with himself, God, I thank thee, that I am not as other men are, extortioners, unjust, adulterers, or even as this publican/tax collector. G5057
13 And the publican/tax collector, G5057 standing afar off, would not lift up so much as his eyes unto heaven, but smote upon his breast, saying, God be merciful to me A SINNER.

14 “I tell you, this man went to his house justified rather than the other one; for everyone who exalts himself will be humbled, but the one who humbles himself will be exalted.”

 

Belasting innen is een ZONDE zolang u hiermee door blijft gaan, klaag ik u aan bij God ZIJN Rechter stoel van Christus.

 

2 Corinthians 5:

10 For we must all appear before the judgment seat of Christ; that every one may receive the things done in his body, according to that he hath done, whether it be good or bad.
11 Knowing therefore the terror of the Lord, we persuade men; but we are made manifest unto God; and I trust also are made manifest in your consciences.

 

 

Custom, toll, tribute

 

Ezra 4:

13 Be it known now unto the king, that, if this city be builded, and the walls set up again, then will they not pay toll, tribute, and custom, and so thou shalt endamage the revenue of the kings.

 

Ezra 7:

24 Also we certify you, that touching any of the priests and Levites, singers, porters, Nethinims, or ministers of this house of God, it shall not be lawful to impose toll, tribute, or custom, upon them.

 

poll-tax

a tax levied on every adult, without reference to income or resources.

the council tax replaces the poll tax

 

Zelfstandig naamwoord

personele belasting

poll tax

 

een belasting geheven op elke volwassene, zonder verwijzing naar inkomen of middelen.

de gemeentebelasting vervangt de hoofdelijke belasting

 

Mark 2:

16 When the scribes of the Pharisees saw that He was eating with the [fn]sinners and tax collectors, they said to His disciples, “Why is He eating with tax collectors and [fn]sinners?”

17 And hearing this, Jesus *said to them, “It is not those who are healthy who need a physician, but those who are sick; I did not come to call the righteous, but sinners.”

 

Source:

 

Alle wegen leiden naar Rome

 

 

BELASTINGEN IN HET ROMEINSE RIJK
Heel Zuid-Europa, Midden-Europa en ook het zuiden van Nederland was tijdens het Romeinse Rijk veroverd door de Romeinen. De samenleving in de tijd van de Romeinen verschilt erg van de samenleving waarin wij nu in leven.Ook op het gebied van belastingen.

De rivier de Rijn was de noordgrens van het Romeinse rijk. De Romeinen waren bijna overal de baas. Zodra de Romeinen een volk overwonnen hadden, werd hun grondgebied eigendom van de Romeinen. Ieder veroverd land, dus ook het zuiden van Nederland, werd een Romeinse provincie. De bewoners moesten voor het gebruik van de grond betalen.

Deze grondbelasting (Tributum soli) was 1 van de belangrijkste belastingen in die tijd. Met de opbrengsten hiervan zijn vooral forten gebouwd en wegen aangelegd. De Romeinen zelf betaalden geen belasting. (vreemden moeten betalen)

 

Je bent een buitenlander omdat de STAAT DER NEDERLANDEN een bedrijf is in Washington D.C. dat maakt jouw een buitenlander die belasting moet betalen volgens Romeinse regels.

 

Volgens God Zijn regels was het alleen maar voor de Tempel .....wat wij nu zijn.

 

Numbers 3:

47 Thou shalt even take five shekels a piece by the poll, after the shekel of the sanctuary shalt thou take them: (the shekel is twenty gerahs:)

 

Ezra 7:

24 Also we inform you that it shall not be lawful to impose tax, tribute, or custom on any of the priests, Levites, singers, gatekeepers, Nethinim, or servants (ministers) of this house of God.

 

Luke 23:
2 And they began to accuse him, saying, We found this fellow perverting the nation, and forbidding to give tribute to Caesar, saying that He himself is (Yahushua/Salvation) Christ a King.

 

Exodus 30:

15 The rich shall not give more, and the poor shall not give less than half a shekel, when they give an offering unto יְהוָה to make an atonement for your souls.

24 And of cassia five hundred shekels, after the shekel of the sanctuary, and of oil olive an hin:

 

Even kort de geschiedenis en een stukje Bijbel studie🤗

A gerah Hebrew "גרה" is an ancient Hebrew unit of weight and currency, equivalent to one-twentieth of a shekel, a shekel being 180 barleycorns or 60 carob divided by 20 = 3 carob. This is 0.568 grams.

A gerah is in Aramaic a ma'ah "מעה" (Mishnah Hebrew pl. ma'ot "מעות" which means "coins"). It was originally a fifth of a Denarius/zuz, as seen in Exodus ("20 gerah is a shekel"), then became a sixth of a denar/Zuz, such as the Yehud coins which came in two denominations, approximately .58 gram as a ma'ah and approximately .29 gram as a half ma'ah (chatzi ma'ah), and (.58 X 6 = 3.48) which is about the weight of a Zuz/Denarius based on a 14 gram Shekel.

The Jerusalem Talmud Shekalim, in the Mishnah, debates if a kalbon, which was added when annually giving a half shekel to the Temple, was a "ma'ah" or a "chatzi ma'ah" (half ma'ah).

See also
 
References

Exodus 30:13

Book of Numbers 3:47

 

The Temple tax (lit. מחצית השקל the half shekel) was a tax paid by Israelites and Levites which went towards the upkeep of the Jewish Temple, as reported in the New Testament. Traditionally, Kohanim (Jewish priests) were exempt from the tax.

 

Hebrew Bible

In later centuries, the half-shekel was adopted as the amount of the Temple tax, although in Nehemiah 10:33–34 the tax is given as a third of a shekel.

 

Exodus 30:

13 This is what each one who is registered shall give: half a shekel according to the shekel of the sanctuary (the shekel is twenty gerahs), half a shekel as an offering to יְהוָה NRSV

After the return under Nehemiah, Jews in the Diaspora continued to pay the Temple tax. Josephus reported that at the end of the 30s CE "many tens of thousands" of Babylonian Jews guarded the convoy taking the tax to Jerusalem (Ant. 18.313).

 

47 Thou shalt even take five shekels a piece by the poll, after the shekel of the sanctuary shalt thou take them: (the shekel is twenty gerahs:)
 
Matthew 6:
1 Take heed that ye do not your alms before men, to be seen of them: otherwise ye have no reward of your Father which is in heaven.
2 Therefore when thou doest thine alms, do not sound a trumpet before thee, as the hypocrites do in the synagogues and in the streets, that they may have glory of men. Verily I say unto you, They have their reward.
3 But when thou doest alms, let not thy left hand know what thy right hand doeth:
4 That thine alms may be in secret: and thy Father which seeth in secret himself shall reward thee openly.

 

Genesis 24:
22 And it came to pass, as the camels had done drinking, that the man took a golden earring of half a shekel weight, and two bracelets for her hands of ten shekels weight of gold;
 

Exodus 30:

13 This they shall give, every one that passeth among them that are numbered, half a shekel after the shekel of the sanctuary: (a shekel is twenty gerahs:) an half shekel shall be the offering of יְהוָה

 

Gerah:

 a weight, a 20th part of a shekel, equal to the weight of 16 barley grains or 4 to 5 carob beans

i.e. a gerah or small weight (and coin):—gerah.

 

Shekel:

  1. the chief unit of weight or measure

    1. gold - 1/10000 of a talent and equal to 220 grains

    2. silver - 1/3000 of a talent and equal to 132 grains

    3. copper - 1/1500 of a talent and equal to 528 grains

 

Talent:

a weight or worth of a talent

  1. a talent of silver weighed about 100 pounds (45 kg)

  2. a talent of gold, 200 pounds (91 kg)

 

round

  1. a round district (environs of the Jordan valley)

  2. a round loaf (of bread)

  3. a round weight, talent (of gold, silver, bronze, iron)

 

The KJV translates Strong's H3603 in the following manner: talent (48x), plain (12x), loaf (4x), piece (2x), country (1x), morsel (1x).

 

1 Samuel 2:
36 And it shall come to pass, that every one that is left in thine house shall come and crouch to him for a piece of silver and a morsel H3603 of bread, and shall say, Put me, I pray thee, into one of the priests' offices, that I may eat a piece of bread.

 

2 Kings 5:
5 And the king of Syria said, Go to, go, and I will send a letter unto the king of Israel. And he departed, and took with him ten talents H3603 of silver, and six thousand pieces of gold, and ten changes of raiment.
 
1 Chronicles 16:
3 And he dealt to every one of Israel, both man and woman, to every one a loaf of bread, and a good piece of flesh, and a flagon of wine.

 

Proverbs 6:
26 For by means of a whorish woman a man is brought to a piece of bread: and the adulteress will hunt for the precious life.

 

Jeremiah 37:

21 Then Zedekiah the king commanded that they should commit Jeremiah into the court of the prison, and that they should give him daily a piece of bread out of the bakers' street, until all the bread in the city were spent. Thus Jeremiah remained in the court of the prison.

 

Silver:

Exodus 30:

15 The rich shall not give more, and the poor shall not give less than half a shekel, when they give an offering unto יְהוָה to make an atonement for your souls.

24 And of cassia five hundred shekels, after the shekel of the sanctuary, and of oil olive an hin:

 

Exodus 38:

24 All the gold that was occupied for the work in all the work of the holy place, even the gold of the offering, was twenty and nine talents, and seven hundred and thirty shekels, after the shekel of the sanctuary.

25 And the silver of them that were numbered of the congregation was an hundred talents, and a thousand seven hundred and threescore and fifteen shekels, after the shekel of the sanctuary:

26 A bekah for every man, that is, half a shekel, after the shekel of the sanctuary, for every one that went to be numbered, from twenty years old and upward, for six hundred thousand and three thousand and five hundred and fifty men.

 
Leviticus 5:
15 If a soul commit a trespass, and sin through ignorance, in the holy things of יְהוָה then he shall bring for his trespass unto יְהוָה a ram without blemish out of the flocks, with thy estimation by shekels of silver, after the shekel of the sanctuary, for a trespass offering:
 
Leviticus 27:
3 And thy estimation shall be of the male from twenty years old even unto sixty years old, even thy estimation shall be fifty shekels of silver, after the shekel of the sanctuary.

25 And all thy estimations shall be according to the shekel of the sanctuary: twenty gerahs shall be the shekel.

 

Numbers 3:

47 Thou shalt even take five shekels apiece by the poll, after the shekel of the sanctuary shalt thou take them: (the shekel is twenty gerahs:)

50 Of the firstborn of the children of Israel took he the money; a thousand three hundred and threescore and five shekels, after the shekel of the sanctuary:

 

Numbers 7:

13 And his offering was one silver charger, the weight thereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them were full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

19 He offered for his offering one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

25 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

31 His offering was one silver charger of the weight of an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

37 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

43 His offering was one silver charger (dish, platter) of the weight of an hundred and thirty shekels, a silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

49 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

55 His offering was one silver charger of the weight of an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

61 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

67 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

73 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

79 His offering was one silver charger, the weight whereof was an hundred and thirty shekels, one silver bowl of seventy shekels, after the shekel of the sanctuary; both of them full of fine flour mingled with oil for a meat offering:

85 Each charger of silver weighing an hundred and thirty shekels, each bowl seventy: all the silver vessels weighed two thousand and four hundred shekels, after the shekel of the sanctuary:

86 The golden spoons were twelve, full of incense, weighing ten shekels a piece, after the shekel of the sanctuary: all the gold of the spoons was an hundred and twenty shekels.

 

 

Numbers 18:
16 And those that are to be redeemed from a month old shalt thou redeem, according to thine estimation, for the money of five shekels, after the shekel of the sanctuary, which is twenty gerahs.

 

1 Samuel 9:
8 And the servant answered Saul again, and said, Behold, I have here at hand the fourth part of a shekel of silver: that will I give to the man of God, to tell us our way.
 

 

2 Kings 7:
1 1 Then Elisha said, Hear ye the word of יְהוָה Thus saith יְהוָה To morrow about this time shall a measure of fine flour be sold for a shekel, and two measures of barley for a shekel, in the gate of Samaria.

16 And the people went out, and spoiled the tents of the Syrians. So a measure of fine flour was sold for a shekel, and two measures of barley for a shekel, according to the word of יְהוָה

18 And it came to pass as the man of God had spoken to the king, saying, Two measures of barley for a shekel, and a measure of fine flour for a shekel, shall be to morrow about this time in the gate of Samaria:

 

Nehenmiah 10:
32 Also we made ordinances for us, to charge ourselves yearly with the third part of a shekel for the service of the house of our God;

 

Ezekiel 45:
12 And the shekel shall be twenty gerahs: twenty shekels, five and twenty shekels, fifteen shekels, shall be your maneh.
 
Amos 8:
5 Saying, When will the new moon be gone, that we may sell corn? and the sabbath, that we may set forth wheat, making the ephah small, and the shekel great, and falsifying the balances by deceit?
 
 

Talent:

 

Exodus 25:
39 Of a talent of pure gold shall he make it, with all these vessels.

 

Exodus 37:

24 Of a talent of pure gold made he it, and all the vessels thereof.
 

 

Exodus 38:
27 And of the hundred talents of silver were cast the sockets of the sanctuary, and the sockets of the vail; an hundred sockets of the hundred talents, a talent for a socket.

 

2 Samuel 12:

30 And he took their king's crown from off his head, the weight whereof was talent of gold with the precious stones: and it was set on David's head. And he brought forth the spoil of the city in great abundance.

 

1 Kings 20:
39 And as the king passed by, he cried unto the king: and he said, Thy servant went out into the midst of the battle; and, behold, a man turned aside, and brought a man unto me, and said, Keep this man: if by any means he be missing, then shall thy life be for his life, or else thou shalt pay a talent of silver.

 

2 Kings 5:
22 And he said, All is well. My master hath sent me, saying, Behold, even now there be come to me from mount Ephraim two young men of the sons of the prophets: give them, I pray thee, a talent of silver, and two changes of garments.

 

2 Kings 23:

33 And Pharaohnechoh put him in bands at Riblah in the land of Hamath, that he might not reign in Jerusalem; and put the land to a tribute of an hundred talents of silver, and a talent of gold.
 

 

1 Chronicles 20:
2 And David took the crown of their king from off his head, and found it to weigh a talent of gold, and there wereprecious stones in it; and it was set upon David's head: and he brought also exceeding much spoil out of the city.

 

2 Chronicles 36:
3 And the king of Egypt put him down at Jerusalem, and condemned the land in an hundred talents of silver and a talent of gold.
 

 

Zecheriah 5:
7 And, behold, there was lifted up a talent of lead: and this is a woman that sitteth in the midst of the ephah.
 
Matthew 25:
24 Then he which had received the one talent came and said, Lord, I knew thee that thou art an hard man, reaping where thou hast not sown, and gathering where thou hast not strawed:
28 Take therefore the talent from him, and give it unto him which hath ten talents.
 

25 And I was afraid, and went and hid thy talent in the earth: lo, there thou hast that is thine.

 

Revelation 16:
21 And there fell upon men a great hail out of heaven, every stone about the weight of a talent: and men blasphemed God because of the plague of the hail; for the plague thereof was exceeding great.
 
 
New Testament

The tax is mentioned in the Gospel of Matthew in the New Testament, when Jesus and his disciples were in Capernaum. The collectors of the temple tax (Greek: διδραχμα, didrachma) came to Peter and said "Does your teacher not pay the temple tax?" The narrative, which does not appear in the other gospels, leads to a discussion between Jesus and Peter about payment of the taxes levied by the "kings of the earth", and the miracle according to which Peter finds a stater (Greek: στατηρα), in the mouth of a fish, which is used to pay the tax due for both of them. The stater "was reckoned as equal to four drachmæ, and would therefore pay the didrachma both for Peter and his Master".

The word "temple" does not appear in this text and the illustration used in the passage refers to an example of royal and not religious taxation, prompting the question of whether this was the temple tax or a national tax.

 

After the destruction of the Temple

The first Roman attempt to halt payments of the tax was made long before the Jewish War on account of customs controls. The Senate had forbidden the export of gold and silver, but the Jews of Italy continued to pay the Temple tax. In 62 BCE L. Valerius Flaccus, governor of the province of Asia, issued an edict forbidding the Jews of his province from sending the tax to Jerusalem. After the destruction of the Temple in Jerusalem in AD70 a, new Roman tax was imposed for taxation of the Jews, the Fiscus Judaicus diverted into imperial coffers.

 

References
  1. The Gospel of Matthew: Chapters 11-28 - Page 196 William Barclay - 2001 – The Temple Tax – Matthew 17:24-7 When they came to Capernaum, those who received the half-shekel Temple tax ... the basis of Exodus 30:13, it was laid down that every male Jew over twenty years of age must pay an annual Temple tax of ...
  2. Aaron Levine The Oxford Handbook of Judaism and Economics - Page 570 - 2011 with the twenty-gerah shekel that is mentioned in the Torah (e.g., Exodus 30:13). ... In later centuries the half-shekel was adopted as the amount of the Temple Tax (although, in Nehemiah 10:32–34, the tax is given as a third of a shekel)..."
  3. The Formation of the Early Church - Page 21 Jostein Ådna - 2005 "... by specially appointed envoys from communities all over the Diaspora. For example, Josephus reports that at the end of the 30s CE "many tens of thousands" (Ant. 18.313) of Jews in Babylon shared in the convoy of the Temple tax in fear of ..."
  4. Matthew 17:24
  5. Matthew 17:25-27
  6. Charles Ellicott's Commentary for Modern Readers on Matthew 17, accessed 30 January 2017

 

Matthew 22:
15 Then went the Pharisees, and took counsel how they might entangle him in his talk.
16 And they sent out unto him their disciples with the Herodians, saying, Master, we know that thou art true, and teachest the way of God in truth, neither carest thou for any man: for thou regardest not the person of men.
17 Tell us therefore, What thinkest thou? Is it lawful to give tribute (schatting) unto Caesar, or not?
18 But Jesus perceived their wickedness, and said, Why tempt ye me, ye hypocrites?
19 Shew me the tribute money. (de schatting/belasting geld) And they brought unto him a penny. (de schattingpenning)
20 And he saith unto them, Whose is this image and superscription?
21 They say unto him, Caesar's. Then saith he unto them, Render therefore unto Caesar the things which are Caesar's; and unto God the things that are God's.
22 When they had heard these words, they marvelled, and left him, and went their way.

 
 Exodus 30:
12 When thou takest the sum of the children of Israel after their number, then shall they give every man a ransom for his soul unto יְהוָה when thou numberest them; that there be no plague among them, when thou numberest them.
13 This they shall give, every one that passeth among them that are numbered, half a shekel after the shekel of the sanctuary: (a shekel is twenty gerahs:) an half shekel shall be the offering of יְהוָה
14 Every one that passeth among them that are numbered, from twenty years old and above, shall give an offering unto יְהוָה
15 The rich shall not give more, and the poor shall not give less than half a shekel, when they give an offering unto יְהוָה to make an atonement for your souls.
16 And thou shalt take the atonement money of the children of Israel, and shalt appoint it for the service of the tabernacle of the congregation; that it may be a memorial unto the children of Israel before יְהוָה to make an atonement for your souls.
 
 

A talent was an ancient unit of weight and value in Greece, Rome, and the Middle East. In the Old Testament, a talent was a unit of measurement for weighing precious metals, usually gold and silver. In the New Testament, a talent was a value of money or coin.

The talent was first mentioned in the book of Exodus within the inventory of materials used for the construction of the tabernacle:

"All the gold that was used for the work, in all the construction of the sanctuary, the gold from the offering, was twenty-nine talents ..." (Exodus 38:24, ESV)

 

The Meaning of Talent

The Hebrew term for "talent" was kikkār, meaning a round gold or silver disk, or disk-shaped loaf. In the Greek language, the word comes from tálanton, a large monetary measurement equal to 6,000 drachmas or denarii, the Greek and Roman silver coins.

How Heavy Was a Talent?

The talent was the heaviest or largest biblical unit of measurement for weight, equal to about 75 pounds or 35 kilograms. Now, imagine the opulence of this enemy king's crown when it was placed on King David's head:

"David took the crown from their king's head, and it was placed on his own head. It weighed a talent of gold, and it was set with precious stones." (2 Samuel 12:30, NIV)

In Revelation 16:21, we read that "great hail from heaven fell upon men, each hailstone about the weight of a talent." (NKJV) We get a better picture of the crushing fierceness of God's wrath when we realize these hailstones weighed about 75 pounds.

 

The Talent of Money

In the New Testament, the term "talent" meant something very different than it does today. The talents Jesus Christ spoke of in the Parable of the Unforgiving Servant (Matthew 18:21-35) and the Parable of the Talents (Matthew 25:14-30) referred to the largest unit of currency at the time.

 

Thus, a talent represented a rather large sum of money. According to New Nave's Topical Bible, one who possessed five talents of gold or silver was a multimillionaire by today's standards. Some calculate the talent in the parables to be equivalent to 20 years of wages for the common worker. Other scholars estimate more conservatively, valuing the New Testament talent somewhere between $1,000 to $30,000 dollars today.

Needless to say (but I'll say it anyway), knowing the actual meaning, weight, and value of a term like talent can help give context, deeper understanding, and better perspective when studying the Scriptures.

Dividing the Talent

Other smaller weight measurements in Scripture are the mina, shekel, pim, beka, and gerah.

One talent equaled about 60 minas or 3,000 shekels. A mina weighed approximately 1.25 pounds or .6 kilograms, and a shekel weighed about .4 ounces or 11 grams. The shekel was the most common standard used among the Hebrew people for both weight and value. The term meant simply "weight." In New Testament times, a shekel was a silver coin weighing one shekel.

The mina equaled about 50 shekels, whereas the beka was exactly one-half a shekel. The pim was about two-thirds of a shekel, and a gerah was one-twentieth of a shekel:

Rules concerning Valuations

 

Leviticus 27:

1 And יְהוָה spake unto Moses, saying,
2 Speak unto the children of Israel, and say unto them, When a man shall make a singular vow, the persons shall be for יְהוָה by thy estimation.
3 And thy estimation shall be of the male from twenty years old even unto sixty years old, even thy estimation shall be fifty shekels of silver, after the shekel of the sanctuary.
4 And if it be a female, then thy estimation shall be thirty shekels.
5 And if it be from five years old even unto twenty years old, then thy estimation shall be of the male twenty shekels, and for the female ten shekels.
6 And if it be from a month old even unto five years old, then thy estimation shall be of the male five shekels of silver, and for the female thy estimation shall be three shekels of silver.
7 And if it be from sixty years old and above; if it be a male, then thy estimation shall be fifteen shekels, and for the female ten shekels.
8 But if he be poorer than thy estimation, then he shall present himself before the priest, and the priest shall value him; according to his ability that vowed shall the priest value him.
9 And if it be a beast, whereof men bring an offering unto יְהוָה all that any man giveth of such unto יְהוָה shall be holy.
10 He shall not alter it, nor change it, a good for a bad, or a bad for a good: and if he shall at all change beast for beast, then it and the exchange thereof shall be holy.
11 And if it be any unclean beast, of which they do not offer a sacrifice unto יְהוָה then he shall present the beast before the priest:
12 And the priest shall value it, whether it be good or bad: as thou valuest it, who art the priest, so shall it be.
13 But if he will at all redeem it, then he shall add a fifth part thereof unto thy estimation.
14 And when a man shall sanctify his house to be holy unto יְהוָה then the priest shall estimate it, whether it be good or bad: as the priest shall estimate it, so shall it stand.
15 And if he that sanctified it will redeem his house, then he shall add the fifth part of the money of thy estimation unto it, and it shall be his.
16 And if a man shall sanctify unto יְהוָה some part of a field of his possession, then thy estimation shall be according to the seed thereof: an homer of barley seed shall be valued at fifty shekels of silver.
17 If he sanctify his field from the year of jubile, according to thy estimation it shall stand.
18 But if he sanctify his field after the jubile, then the priest shall reckon unto him the money according to the years that remain, even unto the year of the jubile, and it shall be abated from thy estimation.
19 And if he that sanctified the field will in any wise redeem it, then he shall add the fifth part of the money of thy estimation unto it, and it shall be assured to him.
20 And if he will not redeem the field, or if he have sold the field to another man, it shall not be redeemed any more.
21 But the field, when it goeth out in the jubile, shall be holy unto יְהוָה as a field devoted; the possession thereof shall be the priest's.
22 And if a man sanctify unto יְהוָה a field which he hath bought, which is not of the fields of his possession;
23 Then the priest shall reckon unto him the worth of thy estimation, even unto the year of the jubile: and he shall give thine estimation in that day, as a holy thing unto יְהוָה
24 In the year of the jubile the field shall return unto him of whom it was bought, even to him to whom the possession of the land did belong.
25 And all thy estimations shall be according to the shekel of the sanctuary: twenty gerahs shall be the shekel.
26 Only the firstling of the beasts, which should be יְהוָה 's firstling, no man shall sanctify it; whether it be ox, or sheep: it is יְהוָה 's.
27 And if it be of an unclean beast, then he shall redeem it according to thine estimation, and shall add a fifth part of it thereto: or if it be not redeemed, then it shall be sold according to thy estimation.
28 Notwithstanding no devoted thing, that a man shall devote unto יְהוָהd of all that he hath, both of man and beast, and of the field of his possession, shall be sold or redeemed: every devoted thing is most holy unto יְהוָה
29 None devoted, which shall be devoted of men, shall be redeemed; but shall surely be put to death.
30 And all the tithe of the land, whether of the seed of the land, or of the fruit of the tree, is יְהוָה 's: it is holy unto יְהוָה
31 And if a man will at all redeem ought of his tithes, he shall add thereto the fifth part thereof.
32 And concerning the tithe of the herd, or of the flock, even of whatsoever passeth under the rod, the tenth shall be holy unto יְהוָה
33 He shall not search whether it be good or bad, neither shall he change it: and if he change it at all, then both it and the change thereof shall be holy; it shall not be redeemed.
34 These are the commandments, which יְהוָה commanded Moses for the children of Israel in mount Sinai.

Dividing the Talent
Measure U.S./British Metric
Talent = 60 minas 75 pounds 35 kilograms
Mina = 50 shekels 1.25 pounds .6 kilograms
Shekel = 2 bekas .4 ounces 11.3 grams
Pim = .66 shekel .33 ounces 9.4 grams
Beka = 10 gerahs .2 ounces 5.7 grams
Gerah .02 ounces .6 grams

Romans 13:

1 Let every soul be subject unto the higher powers. For there is no power but of God: the powers that be are ordained of God.
2 Whosoever therefore resisteth the power, resisteth the ordinance of God: and they that resist shall receive to themselves damnation.
3 For rulers are not a terror to good works, but to the evil. Wilt thou then not be afraid of the power? do that which is good, and thou shalt have praise of the same:
4 For he is the minister of God to thee for good. But if thou do that which is evil, be afraid; for he beareth not the sword in vain: for he is the minister of God, a revenger to execute wrath upon him that doeth evil.
5 Wherefore ye must needs be subject, not only for wrath, but also for conscience sake.
6 For for this cause pay ye tribute also: for they are God's ministers, attending continually upon this very thing.
7 Render therefore to all their dues: tribute to whom tribute is due; custom to whom custom; fear to whom fear; honour to whom honour.
8 O we no man any thing, but to love one another: for he that loveth another hath fulfilled the law.
9 For this, Thou shalt not commit adultery, Thou shalt not kill, Thou shalt not steal, Thou shalt not bear false witness, Thou shalt not covet; and if there be any other commandment, it is briefly comprehended in this saying, namely, Thou shalt love thy neighbour as thyself.
10 Love worketh no ill to his neighbour: therefore love is the fulfilling of the law.
11 And that, knowing the time, that now it is high time to awake out of sleep: for now is our salvation nearer than when we believed.
12 The night is far spent, the day is at hand: let us therefore cast off the works of darkness, and let us put on the armour of light.
13 Let us walk honestly, as in the day; not in rioting and drunkenness, not in chambering and wantonness, not in strife and envying.
14 But put ye on the Lord Jesus Christ, and make not provision for the flesh, to fulfil the lusts thereof.e moet doen]de plicht roept! [ik moet weer aan het werk] plicht = de plicht zelfst.naamw. (m./v.)

Welke belastingvoordelen heeft een ANBI?

 

Een ANBI heeft belastingvoordelen, zoals:

  • Een ANBI betaalt geen erfbelasting of schenkbelasting voor erfenissen en schenkingen die de instelling gebruikt voor het algemeen belang.
  • Als een ANBI zelf schenkingen doet in het algemene belang, dan hoeft de ontvanger geen schenkbelasting te betalen.
  • Een ANBI komt in aanmerking voor teruggaaf van energiebelasting.
  • Vrijwilligers die voor een ANBI werken, doen daarmee onder bepaalde voorwaarden een gift aan een ANBI.
  • Donateurs van een ANBI mogen hun giften aftrekken van de inkomsten- of vennootschapsbelasting.
    Om in aanmerking te komen voor de aftrek van periodieke giften, moeten de donateur en de ANBI de gift vastleggen in een overeenkomst.
  • Voor donateurs van culturele ANBI's geldt een extra giftenaftrek.

 

Source:

 

Koning Gorilla’s vadermoord

Exodus 22:

25 If thou lend money to any of my people that is poor by thee, thou shalt not be to him as an usurer, neither shalt thou lay upon him usury.


Leviticus 25:
35 If he take him another wife; her food, her raiment, and her duty of marriage, shall he not diminish.
And if thy brother be waxen poor, and fallen in decay with thee; then thou shalt relieve him: yea, though he be a stranger, or a sojourner; that he may live with thee.

36 Take thou no usury of him, or increase: but fear thy God; that thy brother may live with thee.
37 Thou shalt not give him thy money upon usury, nor lend him thy victuals for increase (levensmiddelen voor verhoging).

 

Deuteronomy 23:
19 Thou shalt not lend upon usury to thy brother; usury of money, usury of victuals, usury of any thing that is lent upon usury:
20 Unto a stranger thou mayest lend upon usury; but unto thy brother thou shalt not lend upon usury: that יְהוָה thy God may bless thee in all that thou settest thine hand to in the land whither thou goest to possess it.


Nehemiah 5:
7 Then I consulted with myself, and I rebuked the nobles, and the rulers, and said unto them, Ye exact (to lend on interest or usury, be a creditor) usury (woeker), every one of his brother. And I set a great assembly against them.
10 I likewise, and my brethren, and my servants, might exact of them money and corn: I pray you, let us leave off this usury.


Psalm 15:
5 He that putteth not out his money to usury, nor taketh reward against the innocent. He that doeth these things shall never be moved.


Proverbs 28:
8 He that by usury and unjust gain increaseth his substance, he shall gather it for him that will pity the poor.


Isaiah 24:
2 And it shall be, as with the people, so with the priest; as with the servant, so with his master; as with the maid, so with her mistress; as with the buyer, so with the seller; as with the lender, so with the borrower; as with the taker of usury, so with the giver of usury to him.

5 The earth also is defiled under the inhabitants thereof; because they have transgressed the laws, changed the ordinance, broken the everlasting covenant.


Jeremiah 15:
10 Woe is me, my mother, that thou hast borne me a man of strife and a man of contention to the whole earth! I have neither lent on usury, nor men have lent to me on usury; yet every one of them doth curse me.


Ezekiel 18:
8 He that hath not given forth upon usury, neither hath taken any increase, that hath withdrawn his hand from iniquity, hath executed true judgment between man and man,
13 Hath given forth upon usury, and hath taken increase: shall he then live? he shall not live: he hath done all these abominations; he shall surely die; his blood shall be upon him.
17 That hath taken off his hand from the poor, that hath not received usury nor increase, hath executed my judgments, hath walked in my statutes; he shall not die for the iniquity of his father, he shall surely live.


Ezekiel 22:
12 In thee have they taken gifts to shed blood; thou hast taken usury and increase, and thou hast greedily gained of thy neighbours by extortion, and hast forgotten me, saith Adonay יְהוָה 


Matthew 25:
27 Thou oughtest therefore to have put my money to the exchangers, and then at my coming I should have received mine own with usury.


Luke 19:
23 Wherefore then gavest not thou my money into the bank, that at my coming I might have required mine own with usury?

 

computation, proportion to be paid, tribute, tax
berekening, te betalen deel, hulde, belasting

 

Exodus 29:

27 And thou shalt sanctify the breast of the wave offering, and the shoulder of the heave offering, which is waved, and which is heaved up, of the ram of the consecration, even of that which is for Aaron, and of that which is for his sons:
28 And it shall be Aaron's and his sons' by a statute for ever from the children of Israel: for it is an heave offering: and it shall be an heave offering from the children of Israel of the sacrifice of their peace offerings, even their heave offering unto יְהוָה


Leviticus 7:

14 And of it he shall offer one out of the whole oblation for an heave offering unto יְהוָה and it shall be the priest's that sprinkleth the blood of the peace offerings.
32 And the right shoulder shall ye give unto the priest for an heave offering of the sacrifices of your peace offerings.


Numbers 15:

19 Then it shall be, that, when ye eat of the bread of the land, ye shall offer up an heave offering unto יְהוָה
20 Ye shall offer up a cake of the first of your dough for an heave offering: as ye do the heave offering of the threshingfloor, so shall ye heave it.
21 Of the first of your dough ye shall give unto יְהוָה an heave offering in your generations.


Numbers 18:

11 And this is thine; the heave offering of their gift, with all the wave offerings of the children of Israel: I have given them unto thee, and to thy sons and to thy daughters with thee, by a statute for ever: every one that is clean in thy house shall eat of it.
24 But the tithes of the children of Israel, which they offer as an heave offering unto יְהוָה I have given to the Levites to inherit: therefore I have said unto them, Among the children of Israel they shall have no inheritance.
26 Thus speak unto the Levites, and say unto them, When ye take of the children of Israel the tithes which I have given you from them for your inheritance, then ye shall offer up an heave offering of it for יְהוָה even a tenth part of the tithe.
27 And this your heave offering shall be reckoned unto you, as though it were the corn of the threshingfloor, and as the fulness of the winepress.
28 Thus ye also shall offer an heave offering unto יְהוָה of all your tithes, which ye receive of the children of Israel; and ye shall give thereof יְהוָה 's heave offering to Aaron the priest.
 29 Out of all your gifts ye shall offer every heave offering of יְהוָה of all the best thereof, even the hallowed part thereof out of it.


Numbers 31:

29 Take it of their half, and give it unto Eleazar the priest, foran heave offering of יְהוָה.
41 And Moses gave the tribute, which was יְהוָה 's heave offering, unto Eleazar the priest, as יְהוָה commanded Moses.


Deuteronomy 12:

11 Then there shall be a place which יְהוָה your God shall choose to cause his name to dwell there; thither shall ye bring all that I command you; your burnt offerings, and your sacrifices, your tithes, and the heave offering of your hand, and all your choice vows which ye vow unto יְהוָה:
17 Thou mayest not eat within thy gates the tithe of thy corn, or of thy wine, or of thy oil, or the firstlings of thy herds or of thy flock, nor any of thy vows which thou vowest, nor thy freewill offerings, or heave offering of thine hand:


Leviticus 10:

15 The heave shoulder and the wave breast shall they bring with the offerings made by fire of the fat, to wave it for a wave offering before יְהוָה and it shall be thine, and thy sons' with thee, by a statute for ever; as יְהוָה hath commanded.


Numbers 6:

20 And the priest shall wave them for a wave offering before יְהוָה this is holy for the priest, with the wave breast and heave shoulder: and after that the Nazarite may drink wine.

 

Ezra 4:
13 Be it known now unto the king, that, if this city be builded, and the walls set up again, then will they not pay toll, tribute, and custom, H1983 and so thou shalt endamage the revenue of the kings.
20 There have been mighty kings also over Jerusalem, which have ruled over all countries beyond the river; and toll, tribute, and custom, H1983 was paid unto them.

 

Ezra 7:
24 Also we certify you, that touching any of the priests and Levites, singers, porters, Nethinims, or ministers of this house of God, it shall not be lawful to impose toll, tribute, or custom, H1983 upon them.

 

2Kings 23:
33 And Pharaohnechoh put him in bands at Riblah in the land of Hamath, that he might not reign in Jerusalem; and put the land to a tribute of an hundred talents of silver, and a talent of gold.

Belastingen in het Romeinse Rijk

Heel Zuid-Europa, Midden-Europa en ook het zuiden van Nederland was tijdens het Romeinse Rijk veroverd door de Romeinen. De samenleving in de tijd van de Romeinen verschilt erg van de samenleving waarin wij nu in leven.Ook op het gebied van belastingen.

De rivier de Rijn was de noordgrens van het Romeinse rijk. De Romeinen waren bijna overal de baas. Zodra de Romeinen een volk overwonnen hadden, werd hun grondgebied eigendom van de Romeinen. Ieder veroverd land, dus ook het zuiden van Nederland, werd een Romeinse provincie. De bewoners moesten voor het gebruik van de grond betalen.

Deze grondbelasting (Tributum soli) was 1 van de belangrijkste belastingen in die tijd. Met de opbrengsten hiervan zijn vooral forten gebouwd en wegen aangelegd. De Romeinen zelf betaalden geen belasting. (vreemden moeten betalen)

 

Belastingen in de Middeleeuwen

De middeleeuwse samenleving was ingedeeld in standen. Bovenaan stond de koning of keizer met daaronder de geestelijken. Daarna de edelen (graven, hertogen en ridders) en onderaan de boeren en burgers.

Rond 800 behoorde Nederland tot het Frankische rijk, met Karel de Grote als koning. Het was opgedeeld in een heleboel kleine landen: graafschappen, hertogdommen en bisdommen. Aan het hoofd van een graafschap stond een graaf die door de koning was aangesteld. De bisschoppen en hertogenhadden grote stukken land (bisdommen en hertogdommen) en waren daarover de baas. 

Lokaal en regionaal

In de Middeleeuwen waren de belastingen lokaal en regionaal geregeld. Als de koning geld nodig had, vroeg hij een bedrag (een bede) aan de graven. De graven haalden dit bedrag binnen door belasting te heffen. Eerst ging het om eenmalige bijdragen bij bepaalde gelegenheden. Bijvoorbeeld voor een huwelijksfeest of de bouw van een kasteel. Maar langzamerhand werden de beden standaard.  Zo werden ze een vast inkomen voor de heersers.

Het geld werd toen vooral gebruikt voor de hofhouding, de rechtspraak en voor het voeren van oorlogen (defensie). De graven inden belasting van de boeren vaak over hun hoeveelheid grond. Dat was een makkelijke manier om de financiële positie van iemand in te schatten. De boeren betaalden meestal in natura, met bijvoorbeeld graan of vlees.  (Eerstelingenfeest /First Fruits)

Opkomst van steden

Vanaf de 12e eeuw groeiden een aantal dorpen uit tot grote plaatsen. Sommige plaatsen kregen van hun heer (de graaf, de hertog of de bisschop) stadsrechten. Ze mochten een muur om het dorp bouwen en ze mochten wekelijks een markt houden. De stad kreeg ook het recht om belasting te heffen. Daarmee kon men de verplichtingen tegenover de vorst voldoen. Maar ook eigen uitgaven betalen. Uitgaven voor bijvoorbeeld het aanleggen van straten, bouwen van muren en betalen van poortwachters en nachtwakers.

In de steden werden vooral accijnzen ingevoerd op 1e levensbehoeften uit die tijd. Zoals brandhout, zout, zeep, graan, meel, bier, wijn, vlees, turf en kolen. Maar er werd ook tol geheven op bijvoorbeeld het gebruik van markten en bruggen en het vervoer van goederen.

 

Belastingen tijdens de Spaanse overheersing en de 10e penning van Alva

Nederland komt halverwege de 16e eeuw terecht onder de macht van de Spaanse koning Philips II. Er is veel verzet tegen zijn macht en ideeën. Zo veel dat Philips II zijn opperbevelhebber van het Spaanse leger, Alva, naar Nederland stuurt om de orde te herstellen.

 

100e penning

Alva haalde zich veel ellende op de hals toen hij het stelsel van beden wilde vervangen door algemene belastingen. Deze algemene belastingen waren in elke provincie van Nederland hetzelfde. Iedereen moest bijvoorbeeld 1% van de waarde van alle goederen aan de Spaanse koning afstaan (de 100epenning).

Toen Alva de 10e penning wilde invoeren werd het verzet tegen hem groter en groter. De 10e penning was een soort btw van 10%. Men moest deze betalen bij elke koop en verkoop van alle goederen. Met de 10e penning wilde Alva een eind maken aan de financiële macht van de adel en de stadsbesturen.

 

Verzet tegen belastingplan

Het verzet tegen het belastingplan leidde, samen met de onderdrukking van het protestantisme, tot de Tachtigjarige oorlog tegen de Spanjaarden (1568-1648). Dit was onder het bewind van Willem van Oranje. Toen Den Briel werd ingenomen trok Alva in 1572 zijn belastingplannen in. De vernieuwing van het belastingstelsel was van de baan. Er zijn wel plakkaten gedrukt van de 10e penning, maar de machtige steden hebben deze vorm van belasting nooit doorgevoerd. Ze kochten het af door jaarlijks een bepaald bedrag aan de Spanjaarden te betalen. Kort na het vertrek van Alva ontstond de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

 

Belastingen tijdens de Gouden Eeuw

Tijdens de Tachtigjarige oorlog werd de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden een rijk en welvarend land. De Nederlandse koopvaardijschepen voeren de hele wereld over. Om specerijen (zoals peper, kaneel, kruidnagel en muskaat), koffie, thee en katoen uit Indië te halen. Zijde en porselein uit China en Japan. Suiker uit Brazilië en walvisspek uit Noorwegen en Groenland. Amsterdam was het middelpunt van deze handel.

 

Convooien en licenten

De Staat der Nederlanden ontstond in 1579, maar er was nauwelijks een belastingstelsel dat zorgde voor inkomsten van die Staat. Daar voelden de provinciën zich te veel zelfstandige staten voor. De enige algemene belastingen waren de convooien en licenten. Dit waren een soort in- en uitvoerrechten (douanerechten).

Convooigeld was een vergoeding die betaald moest worden voor de bescherming van Nederlandse oorlogsschepen aan de koopvaarders en vissers. Deze bescherming was tegen vijanden (Spanjaarden en later ook andere landen) en zeerovers.

Het licentgeld was een vergoeding voor het recht om handel te drijven met de vijand.

De dienst Convooien en Licenten van de admiraliteitscolleges (de marine van toen) inden de convooien en licenten. Zij moesten daarmee in een tijd van sterke concurrentie de Republiek en de koopvaarders beschermen. Na de Vrede van Munster in 1648 kregen de convooien en licenten het karakter van gewoon invoerrecht.

 

Accijnzen

Naast de algemene convooien en licenten waren de belastingen in de 16e tot en met de 18e eeuw vooral regionale en plaatselijke heffingen. Wel had het bestuur van de Republiek centraal opgelegd hoeveel iedere provincie moest betalen aan het bestuur (de Staten-Generaal).

Als er geld nodig was in de steden of provincies werden er belastingen geheven. Zo nodig werden nieuwe heffingen verzonnen. Dat waren vooral heffingen op het gebruik van 1e levensbehoeften. Zoals de accijnzen op wijn en zout, maar ook op koffie en thee. Omdat accijnzen de belangrijkste belastingen van die tijd waren, was er geen een eerlijke verdeling van deze lasten. De accijnzen werden namelijk geheven op 1e levensbehoeften. Of je nou rijk was of straatarm, je betaalde hetzelfde.

Toch werden er toen ook al belastingen geheven over de welvaart van de mensen. De welvaart van iemand werd in die tijd bepaald door het grondbezit en bezit van huizen. Maar ook aan bijvoorbeeld het aantal haardsteden in een huis of het aantal dienstboden.

 

De Franse bezetting en een algemeen belastingstelsel

Aan het einde van de 18e eeuw vielen de Fransen Nederland binnen. De Republiek der Nederlanden hield in 1795 op te bestaan en de 'Franse' grondwet en het bestuur van Nederland werd centraal gevormd. Een eenheidsstaat was geboren en dus moest er ook eenheid in belastingen komen.

 

Belastingstelsel voor de hele republiek

Minister Izaak Gogel zorgde ervoor dat in juli 1805 een belastingstelsel werd goedgekeurd dat in de hele republiek zou gelden. Er kwam ook 1 centraal ambtelijk apparaat om de belastingen te innen. Hij voerde een algemeen belastingstelsel in dat voor het eerst meer rekening hield met de draagkracht van de belastingbetaler. Dus: hoe rijker iemand was, hoe meer belasting hij moest betalen.

Een heleboel accijnzen verdwenen en belasting op inkomen kreeg een belangrijkere plaats in het stelsel. Zo betaalden degenen die in rijkdom leefden hogere personele belasting. Hun rijkdom werd afgemeten aan het aantal dienstboden, koets- en rijpaarden, haardsteden en ramen en deuren in de huizen die ze bezaten. En aan de waarde van hun grond.

De belastingambtenaar kwam toen nog aan huis om ter plekke het aantal dienstboden, paarden, ramen en dergelijke te tellen. De afhandeling van de belastingzaken vond daarna plaats in het dorpshuis of het plaatselijke café.

 

Belasting op luxe goederen

Er kwam in de 19e eeuw ook een belasting op luxe goederen zoals waaiers, parasols, pruiken, handschoenen en haarpoeder. Men vond namelijk dat de mensen die zich dit soort luxe goederen konden veroorloven, wel wat meer konden missen en dus meer belasting konden betalen. Als bewijs van betaling werd een zegel aangebracht op de luxe goederen.

In de loop van de 19e eeuw kwam het zwaartepunt van de belastingheffing daarmee steeds meer op inkomsten, vermogen en winsten te liggen. De voorlopers van de huidige inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting zijn in de 19de eeuw ingevoerd.

Sinds het 1e algemene belastingstelsel van Gogel zijn er in de 19e en 20ste eeuw nog veel grote en kleinere aanpassingen doorgevoerd. Uitbreidingen maar ook vereenvoudigingen van het stelsel.

 

 

 Basis persoonsgegevens

Basisregistratie Personen

In de Basisregistratie Personen (BRP) zijn persoonsgegevens geregistreerd, zoals gegevens over geboorte, verhuizing, huwelijk, vertrek naar het buitenland en overlijden. Niet alle gegevens staan in de BRP. Historische gegevens zijn soms niet helemaal volledig digitaal beschikbaar. Per 01-10-1994 zijn de meeste persoonsgegevens gedigitaliseerd:

  • Adresgegevens zijn opgenomen vanaf 01-10-1994.
  • Kinderen geboren op of na 01-01-1966 zijn op de digitale persoonslijst van ouder(s) vermeld.

Gegevens van voor die tijd staan niet in de BRP en zijn niet digitaal beschikbaar. Deze gegevens heeft de gemeente in haar papieren archief bewaard.

Verhuizing doorgeven

U kunt hier bij steeds meer Nederlandse gemeenten uw verhuizing in Nederland of naar het buitenland doorgeven.

 

 Financieel

Mijn Toeslagen

Met Mijn toeslagen regelt u uw zorgtoeslag, huurtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag. Zo kunt u er een toeslag aanvragen en uw gegevens wijzigen.

Mijn Belastingdienst

Met Mijn Belastingdienst regelt u uw belastingen. Zo kunt u er aangifte inkomstenbelasting doen en uw rekeningnummer wijzigen.

Mijn geregistreerd inkomen

De Belastingdienst registreert uw inkomen. Overheidsorganisaties gebruiken dit inkomen om bijvoorbeeld de hoogte van uw eigen bijdrage of toelage te berekenen. 

LBIO

Het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) incasseert kinder- en partneralimentatie. Hier heeft u inzage in uw zaakgegevens.

Mijn SVB

Op Mijn SVB van de Sociale Verzekeringsbank kunt u Kinderbijslag, AOW en Anw aanvragen, een wijziging doorgeven of uw gegevens bekijken.

 

 Werk en loopbaan

mijn pensioenoverzicht.nl

Op mijnpensioenoverzicht.nl ziet u, naast uw AOW, hoeveel pensioen u hebt en bij welke pensioenuitvoerder (pensioenfonds of -verzekeraar). Ook ziet u wat uw nabestaanden krijgen als u overlijdt.

Mijn UWV

Op MijnUWV regelt u uw persoonlijke zaken met UWV. Daarnaast vindt u hier gegevens over uw werk en inkomen.

Digitaal Klantdossier 

Het Digitaal Klantdossier voor Werk en Inkomen (DKD) geeft een overzicht van uw eigen gegevens die door gemeenten en UWV zijn vastgelegd. Het gaat hierbij om persoonsgegevens, arbeids- en uitkeringsgegevens en gegevens over opleiding en re-integratie.

 

 Zorg en gezondheid

 Donorregister

In het Donorregister kunt u vastleggen of u uw organen na uw overlijden wel of niet beschikbaar stelt voor transplantatie.

 Mijn PGB

Het Persoonsgebonden budget (PGB) is een geldbedrag, waarmee mensen met een beperking hun eigen zorg kunnen inkopen. Met Mijn PGB regelt u digitaal persoonlijke zaken met het SVBServicecentrum PGB. Zo kunt u uw PGB-verantwoording maken, gegevens inzien en wijzigen en meldingen doorgeven.

 

 Wonen

 Kadaster 

Het Kadaster registreert gegevens over het vastgoed in Nederland. U kunt informatie opvragen over de ligging van vastgoed, maar ook aanverwante zaken zoals eigendom en hypotheek, energielabels en de ligging van kabels en leidingen. WOZ Gemeenten bieden inzicht in de waardering van uw onroerende zaken. U kunt een overzicht zien van: uw onroerende zaak, de actuele WOZ-waarde, enkele algemene waarderingsgegevens en taxatieverslagen. U treft hier ook aan de adres- en gebouwgegevens van uw woning uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG).

 

 Vervoer

RDW 

De RDW draagt bij aan een veilig, schoon, economisch en geordend wegverkeer. De RDW is onder meer verantwoordelijk voor voertuigkentekens en de Algemene Periodieke Keuring (APK). De RDW houdt het Basis Kenteken Register (BKR) bij.

 

 Onderwijs

Mijn DUO

Studenten, ouders en terugbetalers kunnen in Mijn DUO terecht voor financieringsaanvragen en het doorgeven van wijzigingen. In Mijn DUO kunt u ook uw diplomagegevens inzien en downloaden.

 

Source: https://beslagrecht.nl/beslagvrije-voet/hoogte-va-de-beslagvrije-voet

 

man's TAX

HERE ARE LAWS IN AMERICA MOST DON'T KNOW, BUT SHOULD!!!!
 1. The IRS is not a US government agency it is an agency of the IMF (International Monetary Fund) (Diversified Metal Products v I.R.S et al. CV-93-405E-EJE U.S.D.C.D.I., Public Law 94-564, Senate report 94- 1148 pg. 5967, Reorganization Plan No. 26, Public Law 102-391)

  • (Dutch Version: file:///D:/Downloads/cr1777.pdf)
  • Geen pluraliteit. De Staat der Nederlanden en de Belastingdienst zijn geen te onderscheiden rechtspersonen en daarmee geen afzonderlijke dragers van (privaatrechtelijke) rechten en verplichtingen. Zij zijn als één en dezelfde (publiekrechtelijke) rechtspersoon aan te merken, namelijk de Staat. 5. Verzoeker stelt over een steunvordering te beschikken in de vorm van een schuld van verweerster aan de Belastingdienst. De Belastingdienst is (eveneens) onderdeel van de Staat der Nederlanden en heeft geen zelfstandige rechtspersoonlijkheid. (Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 27-06-2017 Datum publicatie 29-06-2017 ZaaknummerC/09/531730 / FT RK 17/850 Rechtsgebieden Insolventierecht)

 

 2. The IMF (International Monetary Fund) is an agency of the U.N. (Black's Law Dictionary 6th Ed. page 816) 

 

 3. The United States has NOT had a Treasury since 1921 (41 Stat. Ch 214 page 654)

 

Source: 

  • https://www.rtlnieuws.nl/economie/home/nederlandse-staatsschuld-levert-flink-geld-op
  • Onderstaande tekst is een samenvatting over dit onderwerp uit het boek ‘Modernising Money‘.

    De overheid heeft drie belangrijke middelen om aan geld te komen:

    • Belastingen en premies – zoals inkomsten- en vermogensbelasting, premies sociale lasten verzekeringen, belasting toegevoegde waarde (BTW), belastingen en accijns op energie, alcohol, en dergelijke.
    • Staatsleningen – dit geschiedt hoofdzakelijk door middel van staatsobligaties.
    • Geldcreatie – onder het huidige monetaire systeem zijn de opbrengsten op dit gebied discutabel.

    Wanneer een overheid meer geld uitgeeft dan zij ontvangt aan belastingen e.d. noemt men het verschil het ‘begrotingstekort'. Wanneer zij meer geld binnenkrijgt dan zij uitgeeft wordt dit verschil het ‘begrotingsoverschot'genoemd.

    Overschotten zijn in Nederland een zeer zeldzaam verschijnsel. Alleen vlak voor de crisis was er sprake van een overschot. Normaal gesproken geeft de overheid meer geld uit dan zij binnen krijgt en leent het verschil, met een stijgende staatsschuld als gevolg. De staatsschuld zal naar verwachting in 2014 stijgen naar 466 miljard euro. Ware het, dat er vaker overschotten waren geweest, dan zouden die de staatsschuld mogelijk hebben verlaagd.

    Van wie leent de overheid?

    Liever dan het te lenen van banken, leent onze overheid bij voorkeur op de financiële markten – voornamelijk bij pensioenfondsen en verzekeringmaatschappijen. Deze instellingen lenen geld aan de overheid door staatsobligaties te kopen die de overheid voor dit doel uitgeeft. Vele instellingen kiezen hiervoor, omdat er bij staatsobligaties nauwelijks sprake is van een risico.

    De Staat der Nederlanden heeft altijd aan haar betalingsverplichtingen voldaan en het is niet aannemelijk dat zij zich ooit aan die verplichtingen zal onttrekken. Dit komt omdat de staat altijd de mogelijkheid heeft om door middel van het heffen van belastingen aan voldoende middelen te komen. Bovendien is de markt van staatsobligaties stabiel en liquide, en biedt deze doorgaans een hogere rentevergoeding dan bij andere risicoloze investeringen (zoals bijvoorbeeld contant geld).

    Source: https://onsgeld.nu/geldsysteem/huidige-systeem/staatsschuld

Source: http://rudhar.com/economi/monydebt/nl/022cengo.htm

Source: https://govbanknotes.wordpress.com/2017/07/04/the-united-nations-has-taken-over-all-member-nations/

 

4. The U.S. Treasury is now the IMF (International Monetary Fund) (Presidential Documents Volume 24-No. 4 page 113, 22 U.S.C. 285-2887)

  •  
     Het Internationaal Monetair Fonds of Internationaal Muntfonds is een VN-organisatie voor internationale samenwerking op monetair gebied, bestrijding van financiële crises en kredietverlening voor staten met betalingsproblemen. Wikipedia
  • Netherlands: Table of Common Indicators Required for Surveillance (concluded) (As of March 9, 2017)
    External Current Account Balance
    Q4/16 03/17 Q Q Q O, O, O, O O, O, O, O, O
    Exports and Imports of Goods and Services
    Q4/16 03/17 Q Q Q
    GDP/GNP Q4/16 03/17 Q Q Q O, O, O, O LO, O, O, O, O
    Gross External Debt Q3/16 12/16 Q Q Q
    International Investment Position 7/
    Q3/16 12/16 Q Q Q

    1/ Includes reserve assets pledged of otherwise encumbered. 2/ Pertains to contribution to EMU aggregate. 3/ Both market-based and officially determined, including discount rates, money market rates, rates on treasury bills, notes and bonds. 4/ Foreign, domestic bank, and domestic nonbank financing. 5/ The general government consists of the central government (budgetary funds, extra budgetary funds, and social security funds) and state and local governments. 6/ Including currency and maturity composition. 7/ Includes external gross financial asset and liability positions vis-à-vis nonresidents. 8/ Daily (D); weekly (W); monthly (M); quarterly (Q); annually (A); irregular (I); and not available (NA). 9/ Reflects the assessment provided in the data ROSC (published on January 10, 2008, and based on the findings of the mission that took place October 3-17, 2007) for the dataset corresponding to the variable in each row. The assessment indicates whether international standards concerning concepts and definitions, scope, classification/sectorization, and basis for recording are fully observed (O); largely observed (LO); largely not observed (LNO); not observed (NO); and not available (NA). 10/ Same as footnote 9, except referring to international standards concerning (respectively) source data, assessment of source data, statistical techniques, assessment and validation of intermediate data and statistical outputs, and revision studies.

Source: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2017:7140

 

 5. The United States does not have any employees because there is no longer a United States! No more reorganizations. After over 200 years of bankruptcy it is finally over. (Executive Order 12803)

 

 6. The FCC, CIA, FBI, NASA, and all of the other alphabet gangs were never part of the U.S. government. Even though the "U.S. Government" held stock in the agencies. (U.S. v Strang, 254 US 491 Lewis v. US, 680 F.2nd, 1239)

 

 7. Social Security Numbers are issued by the U.N. through the IMF (International Monetary Fund). The application for a Social Security Number is the SS5 Form. The Department of the Treasury (IMF) issues the SS5 forms not the Social Security Administration. The new SS5 forms do not state who publishes them while the old form states they are Department of the Treasury. (20 CFR (Council on Foreign Relations) Chap. 111 Subpart B. 422.103 (b))

 

 8. There are NO Judicial courts in America and have not been since 1789. Judges do not enforce Statutes and Codes. Executive Administrators enforce Statutes and Codes. (FRC v. GE 281 US 464 Keller v. PE 261 US 428, 1 Stat 138-178)

 

 9. There have NOT been any judges in America since 1789. There have just been administrators. (FRC v. GE 281 US 464 Keller v. PE 261 US 428 1 Stat. 138-178)

 10. According to GATT (The General Agreement on Tariffs and Trade) you MUST have a Social Security number. (House Report (103-826)

 

 11. New York City is defined in Federal Regulations as the United Nations. Rudolph Guiliani stated on C-Span that "New York City is the capital of the World." For once, he told the truth. (20 CFR (Council on Foreign Relations) Chap. 111, subpart B 44.103 (b) (2) (2) )

 

 12. Social Security is not insurance or a contract. Nor is there a Trust Fund. (Helvering v. Davis 301 US 619 Steward Co. v. Davis 301 US 548)

 

 13. Your Social Security check comes directly from the IMF (International Monetary Fund), which is an agency of the United Nations. (It says U.S. Department of Treasury at the top left corner, which again is part of the U.N. as pointed out above)

 

 14. You own NO property, Slaves can't own property. Read carefully the Deed to the property you think is yours. you are listed as a TENANT. (Senate Document 43, 73rd Congress 1st Session)

 

 15. The Most powerful court in America is NOT the United States Supreme court, but the Supreme Court of Pennsylvania. (42 PA. C.S.A. 502)

 

 16. The King of England financially backed both sides of the American Revolutionary War. (Treaty of Versailles-July 16, 1782 Treaty of Peace 8 Stat 80)

 

 17. You CANNOT use the U.S. Constitution to defend yourself because you are NOT a party to it. (Padelford Fay & Co. v The Mayor and Alderman of the City of Savannah 14 Georgia 438, 520)

 

 18. America is a British Colony. The 'United States' is a corporation, not a land mass and it existed before the Revolutionary War and the British Troops did not leave until 1796 (Republica v. Sweers 1 Dallas 43, Treaty of Commerce 8 Stat 116, Treaty of Peace 8 Stat 80, IRS Publication 6209, Articles of Association October 20, 1774)

 

 19. Britain is owned by the Vatican. (Treaty of 1213)

 

 20. The Pope can abolish any law in the United States (Elements of Ecclesiastical Law Vol. 1, 53-54)

 

 21. A 1040 Form is for Tribute paid to Britain (IRS Publication 6209)

 

 22. The Pope claims to own the entire planet through the laws of conquest and discovery. (Papal Bulls of 1495 & 1493)

 

 23. The Pope has ordered the genocide and enslavement of Millions of people. (Papal Bulls of 1455 & 1493) 

 

 24. The Pope's laws are obligatory on everyone. (Bened. XIV., De Syn. Dioec, lib, ix, c. vii, n. 4. Prati, 1844 Syllabus Prop 28, 29, 44)

 

 25. We are slaves and own absolutely nothing, NOT even what we think are our children. (Tillman vs. Roberts 108 So. 62, Van Koten vs. Van Koten 154 N.E. 146, Senate Document 438 73rd Congress 1st Session, Wynehammer v. People 13 N.Y. REP 378, 481)

 

 26. Military Dictator George Washington divided up the States (Estates) into Districts (Messages and papers of the Presidents Volume 1 page 99 1828 Dictionary of Estate)

 

 27. "The People" does NOT include you and me. (Barron vs. Mayor and City Council of Baltimore 32 U.S. 243) 

 

 28. It is NOT the duty of the police to protect you. Their job is to protect THE CORPORATION and arrest code breakers. (SAPP vs. Tallahassee, 348 So. 2nd. 363, REiff vs. City of Phila. 477 F. 1262, Lynch vs. NC Dept. of Justice 376 S.E. 2nd. 247)

 

 29. Everything in the "United States" is up for Sale: bridges, roads, water, schools, hospitals, prisons, airports, etc, etc... Did anybody take time to check who bought Klamath Lake?? (Executive Order 12803)

 

 30. "We are human capital (Executive Order 13037)

 

 31. The U.N.-United Nations has financed the operations of the United States government for over 50 years (U.S. Department of Treasury is part of the U.N. see above) and now owns every man, woman and child in America. The U.N. also holds all of the land of America in Fee Simple.

 

Source: 

 

 

 

 

 

I can give you my experience in all of this horseshit. When i checked my paper work a long time ago i discovered that the LAST, FIRST MIDDLE was the tenant and then there was no mention of who or what was the owner. Along comes the taxing corporation and low and behold the owner is named as the FIRST MIDDLE LAST dropped into a nice windowed envelope with no name and address on the presentment, so as to avoid mail fraud. That is how i discovered their little trick of making the FIRST MIDDLE LAST the debtor and obviously LAST, FIRST MIDDLE is the credit side to the trust and created the credit for the transaction. The FIRST MIDDLE LAST is named as a debtor for the security instrument and makes no mention of owner aka trustee. If your paper work says either side of the trust is the owner aka debtor of the property, it is still owned by the state/STATE and is a trust within a trust and they are the real owner and the one's responsible for the pretend debt of the pretend tax bill. Maybe you should check out your paper work and see who the owner(the one who has the obligation to make a tax payment if such a contract exists) is. Send a copy of the paper work that says the credit side of the trust is the tenant, LAST, FIRST MIDDLE and see what they have to say. You still have to separate yourself from the ens legis in any event or you will be the surety. Lots of people confuse the issue of the debtor named on the security instrument with the owner of the property. The two are not the same questions and are two different answers. In my case the property was transferred for $10, so no security instrument was required after that time. There is so many little fraudulent tricks going on with a real estate transaction it isn't even funny, especially to those that are having their payed for homes stolen from them by this guile. British Columbia uses the Torrens system. Hope that helps someone.

 

Maybe look to see if your property is mis-classified.  They can tax corporate property so she is right, she has the power to tax, just not private property.  Tell her to change the classification of your home to private.  If you have at least one rental on your property, it is then considered commercial and is then taxable.  Check your state statutes, but of course statutes are not law just policy for people that work for the state.

 

I am challenging the commissioner of revenue and the treasurer on property taxes, everything about the property tax is fraud, I am doing 5 affidavits or may be 6 in each.  What i am challenging is Lawful jurisdiction to tax, Lawful authority to tax and Lawful territorial jurisdiction to tax and proof of a contract whereby I was given full knowledge and disclosure before I autographed it in ink.  Early on in one of the certified letters that was sent before I began the affidavits, the commissioner of revenue tried to use code and regulation to say she had a right to tax, I challenged it as color of law and ask for certain proofs, she never responded and never responded to any affidavits.

 

Money:

 

 

 

Spoorstraat 7 Schiedam

 

Source:

 

Waterschapsbelasting

E-mailen:

 

Stationsplein 79 Schiedam

Postbus 923

[3100 AX] Delft

 

Vraag:

Hebben jullie een rechtsgeldige factuur
graag wil ik een factuur, in afwachting

 

Antwoord: Nee.

Kunt u mij dan dit op papier zetten waarom u dat dan niet kunt.

 

Basisregistratie Personen

De Basisregistratie Personen bevat persoonsgegevens van inwoners van Nederland en van personen die Nederland hebben verlaten. Personen die korter dan 4 maanden in Nederland wonen kunnen ook als niet-ingezetenen in de BRP zijn opgenomen. Bijvoorbeeld omdat ze tijdelijk werken of studeren in Nederland. De BRP is onderdeel van het stelsel van basisregistraties.

 

 

gba veranderd naar een brp = basis registratie personen 6 januari 2014
gemeentelijke ambtelijke recht naar een BV (bedrijf)
privacy schending

Rechters mogen een verdrag mogen ze wel toetsen, maar mag geen rechten toetsen

 

RDW verklaring vragen om te rijden (persoon/mens)
afspraken maken
mag wel maar persoon niet als mens wel

 

Wet Basisregistratie Personen (BRP)

In de Wet BRP (Basisregistratie Personen), die is ingegaan op 6 januari 2014, is bepaald dat bij personen met de Nederlandse nationaliteit geen gegevens meer worden opgenomen over een tweede of volgende nationaliteit. Dit betekent dat vanaf 6 januari 2014 bij eerste inschrijving van Nederlanders in de BRP geen gegevens over eventuele niet-Nederlandse nationaliteiten meer worden vastgelegd. Bij Nederlanders die al ingeschreven stonden worden gegevens over niet-Nederlandse nationaliteiten sinds 31 januari 2015 niet meer bijgehouden.
Dit houdt in dat de informatie over Nederlanders die tevens één of meer niet-Nederlandse nationaliteiten hebben met ingang van 6 januari 2014 niet meer volledig wordt bijgehouden. Het gaat hier overigens om het niet meer registreren van een eventuele tweede of volgende nationaliteit in de BRP. Hierdoor lijkt het alsof de persoon de niet-Nederlandse nationaliteit heeft verloren. Dit is niet het geval. Met de invoering van de Wet BRP is er niets gewijzigd in de nationaliteit(en) van de ingeschrevenen.

 

Source:

 

Source:

 

Rekenregels
en handleiding
loonheffingen
over bijstandsuitkeringen 2017

ANBI

 

ANBI gevonden? Check de status

 

  • Donateurs van een ANBI mogen hun giften aftrekken van de inkomsten- of vennootschapsbelasting.
    Om in aanmerking te komen voor de aftrek van periodieke giften, moeten de donateur en de ANBI de gift vastleggen in een overeenkomst.

 

  • Een ANBI betaalt geen erfbelasting of schenkbelasting voor erfenissen en schenkingen die de instelling gebruikt voor het
    algemeen belang.
  • Als een ANBI zelf schenkingen doet in het algemene belang, dan hoeft de ontvanger geen schenkbelasting te betalen.
  • Een ANBI komt in aanmerking voor teruggaaf van energiebelasting.
  • Vrijwilligers die voor een ANBI werken, doen daarmee onder bepaalde voorwaarden een gift aan een ANBI.
  • Donateurs van een ANBI mogen hun giften aftrekken van de inkomsten- of vennootschapsbelasting.

Om in aanmerking te komen voor de aftrek van periodieke giften, moeten de donateur en de ANBI de gift vastleggen in een
overeenkomst.

  • Voor donateurs van culturele ANBI's geldt een extra giftenaftrek.

 

Source:

 

 

Genesis 41:
34 “Let Pharaoh take action to appoint overseers [fn]in charge of the land, and let him take a fifth of the produce of the land of Egypt as a tax in the seven years of abundance.

 

Numbers 31:
28 “Also, collect a tribute tax for the LORD from the men of war who went to battle, one [fn]in five hundred of the persons, of the cattle, of the donkeys, and of the sheep;

37 the LORD'S tribute tax of the sheep was 675;

38 the cattle were thirty-six thousand, from which the LORD'S tribute tax was seventy-two;

39 the donkeys were 30,500, from which the LORD'S tribute tax was sixty-one;

40 and the captive people were sixteen thousand, from whom the LORD'S tribute tax was thirty-two persons.

41 And Moses gave the tribute tax, which was the LORD'S offering, to Eleazar the priest, just as the LORD had commanded Moses.

 

Ezra 4:
20 that mighty kings have [fn]ruled over Jerusalem, governing all the provinces beyond the Euphrates River, and that tribute, custom tax, and toll were paid to them.

 

Ezra 7:
24 “We also inform you that it is not allowed to impose tax, tribute, or toll on any of the priests, Levites, singers, doorkeepers, temple servants, or other servants of this house of God.

 

Nehemiah 5:
4 There also were those who said, “We have borrowed money for the king's tax on our fields and our vineyards.

 

Ester 10:
1 Now King Ahasuerus imposed a tax on the land and the coastlands of the sea.

 

Matthew 5:
46 “For if you love those who love you, what reward do you have? Even the tax collectors, do they not do the same?

 

Publican: a renter or farmer of taxes

among the Romans, usually a man of equestrian rank

a tax gatherer, collector of taxes or tolls, one employed by a publican or farmer general in the collection of taxes. The tax collectors were as a class, detested not only by the Jews, but by other nations also, both on account of their employment and of the harshness, greed, and deception, with which they did their job.

 

Matthew 9:
9 As Jesus went on from there, He saw a man called Matthew sitting in the tax collector's office; and He *said to him, “Follow Me!” And he got up and followed Him.

 

Matthew 9:
10 Then it happened that as [fn]Jesus was reclining at the table in the house, behold, many tax collectors and [fn]sinners came and began dining with Jesus and His disciples.

11 And when the Pharisees saw this, they said to His disciples, “Why is your Teacher eating with the tax collectors and sinners?”

 

Matthew 10:

3 Philip and [fn]Bartholomew; Thomas and Matthew the tax collector; [fn]James the son of Alphaeus, and Thaddaeus;

 

Matthew 11:

19 “The Son of Man came eating and drinking, and they say, ‘Behold, a gluttonous man and a [fn]heavy drinker, a friend of tax collectors and [fn]sinners!' And yet wisdom is vindicated by her deeds.”

 

Matthew 17:

24 Now when they came to Capernaum, those who collected the [fn]two-drachma tax came to Peter and said, “Does your teacher not pay the [fn]two-drachma tax?

25 He *said, “Yes.” And when he came into the house, Jesus spoke to him first, saying, “What do you think, Simon? From whom do the kings of the earth collect customs or [fn]poll-tax, from their sons or from strangers?”

 

Matthew 18:

17 “And if he refuses to listen to them, tell it to the church; and if he refuses to listen even to the church, he is to be to you as [fn]a Gentile and [fn]a tax collector.

 

Matthew 21:

31 Which of the two did the will of his father?” They *said, “The first.” Jesus *said to them, “Truly I say to you that the tax collectors and prostitutes [fn]will get into the kingdom of God before you.

32 “For John came to you in the way of righteousness and you did not believe him; but the tax collectors and prostitutes did believe him; and you, seeing this, did not even [fn]have second thoughts afterward so as to believe him.

 

Matthew 22:

17 “Tell us then, what do You think? Is it [fn]permissible to pay a [fn]poll-tax to Caesar, or not?”

19 “Show Me the coin used for the poll-tax.” And they brought Him a [fn]denarius.

 

Mark 2:
14 As He passed by, He saw [fn]Levi the son of Alphaeus sitting in the tax office, and He *said to him, “Follow Me!” And he got up and followed Him.

15 And it *happened that He was reclining at the table in his house, and many tax collectors and [fn]sinners were [fn]dining with Jesus and His disciples; for there were many of them, and they were following Him.

16 When the scribes of the Pharisees saw that He was eating with the [fn]sinners and tax collectors, they said to His disciples, “Why is He eating with tax collectors and [fn]sinners?”

 

Mark 12:

14 They came and *said to Him, “Teacher, we know that You are truthful and [fn]do not care what anyone thinks; for You [fn]are not partial to anyone, but You teach the way of God in truth. Is it [fn]permissible to pay a [fn]poll-tax to Caesar, or not?

 

Luke 3:

12 Now even tax collectors came to be baptized, and they said to him, “Teacher, what are we to do?”

 

Luke 5:

27 After that He went out and looked at a tax collector named [fn]Levi sitting in the tax office, and He said to him, “Follow Me.”

29 And Levi gave a big reception for Him in his house; and there was a large crowd of tax collectors and other people who were reclining at the table with them.

30 The Pharisees and their scribes began grumbling to His disciples, saying, “Why do you eat and drink with the tax collectors and [fn]sinners?”

 

Luke 7:

29 When all the people and the tax collectors heard this, they acknowledged God's justice, having been baptized with the baptism of John.

34 “The Son of Man has come eating and drinking, and you say, ‘Behold, a gluttonous man and a [fn]heavy drinker, a friend of tax collectors and [fn]sinners!'

 

Luke 15:
1 Now all the tax collectors and [fn]sinners were coming near [fn]Jesus to listen to Him.

 

Luke 18:
10 “Two men went up into the [fn]temple to pray, one a Pharisee and the other a tax collector.

11 “The Pharisee stood and began praying this in regard to himself: ‘God, I thank You that I am not like other people: swindlers, crooked, adulterers, or even like this tax collector.

13 “But the tax collector, standing some distance away, was even unwilling to raise his eyes toward heaven, but was beating his chest, saying, ‘God, be [fn]merciful to me, the sinner!'

 

Luke 19:
2 And [fn]there was a man called by the name of Zaccheus; he was a chief tax collector and he was rich.

 

Romans 13:
7 Pay to all what is due them: tax to whom tax is due; custom to whom custom; [fn]respect to whom [fn]respect; honor to whom honor.

 

Publican:

 

Matthew 5:
46 For if ye love them which love you, what reward have ye? do not even the publicans G5057 the same?

47 And if ye salute your brethren only, what do ye more than others? do not even the publicans G5057 so?

 

Matthew 9:

10 And it came to pass, as Jesus sat at meat in the house, behold, many publicans G5057 and sinners came and sat down with him and his disciples.

11 And when the Pharisees saw it, they said unto his disciples, Why eateth your Master with publicans G5057 and sinners?

 

Matthew 10:

3 Philip, and Bartholomew; Thomas, and Matthew the publican; G5057 James the son of Alphaeus, and Lebbaeus, whose surname was Thaddaeus;

 

Matthew 11:

19 The Son of man came eating and drinking, and they say, Behold a man gluttonous, and a winebibber, a friend of publicans G5057 and sinners. But wisdom is justified of her children.

 

Matthew 18:

17 And if he shall neglect to hear them, tell it unto the church: but if he neglect to hear the church, let him be unto thee as an heathen man and a publican. G5057

 

Matthew 21:

31 Whether of them twain did the will of his father? They say unto him, The first. Jesus saith unto them, Verily I say unto you, That the publicans G5057 and the harlots go into the kingdom of God before you.

32 For John came unto you in the way of righteousness, and ye believed him not: but the publicans G5057 and the harlots believed him: and ye, when ye had seen it, repented not afterward, that ye might believe him.

 

Mark 2:

15 And it came to pass, that, as Jesus sat at meat in his house, many publicans G5057 and sinners sat also together with Jesus and his disciples: for there were many, and they followed him.

16 And when the scribes and Pharisees saw him eat with publicans G5057 and sinners, they said unto his disciples, How is it that he eateth and drinketh with publicans G5057 and sinners?

 

Luke 3:

12 Then came also publicans G5057 to be baptized, and said unto him, Master, what shall we do?

 

Luke 5:

27 And after these things he went forth, and saw a publican, G5057 named Levi, sitting at the receipt of custom: and he said unto him, Follow me.

29 And Levi made him a great feast in his own house: and there was a great company of publicans G5057 and of others that sat down with them.

30 But their scribes and Pharisees murmured against his disciples, saying, Why do ye eat and drink with publicans G5057 and sinners?

 

Luke 7:

29 And all the people that heard him, and the publicans, G5057 justified God, being baptized with the baptism of John.

34 The Son of man is come eating and drinking; and ye say, Behold a gluttonous man, and a winebibber, a friend of publicans G5057 and sinners!

 

Luke 15:

1 Then drew near unto him all the publicans G5057 and sinners for to hear him.

 

Luke 18:

10 Two men went up into the temple to pray; the one a Pharisee, and the other a publican/Tax collector. G5057

11 The Pharisee stood and prayed thus with himself, God, I thank thee, that I am not as other men are, extortioners, unjust, adulterers, or even as this publican. G5057

13 And the publican (tax xollector), G5057 standing afar off, would not lift up so much as his eyes unto heaven, but smote upon his breast, saying, God be merciful to me a sinner.

14 “I tell you, this man went to his house justified rather than the other one; for everyone who exalts himself will be humbled, but the one who humbles himself will be exalted.”

 

Ezra 4:

13 Be it known now unto the king, that, if this city be builded, and the walls set up again, then will they not pay toll, tribute, and custom, and so thou shalt endamage the revenue of the kings.

Create a Free Website With JouwWeb